HomeDe cassatie-regtspleging in Frankrijk en eldersPagina 52

JPEG (Deze pagina), 666.29 KB

TIFF (Deze pagina), 6.73 MB

PDF (Volledig document), 70.31 MB

._ 58 ....
VVat zien wij echter ill het Hof van cassatie, dat slechts
mmsá de wetgeving staat? Louter eenen bijstander daar-
van, welke voor haar de regtbanken bewaken, de rol van
bemiddelaar tusschen haar en de regterlij ke magt spelen moet,
terwijl de coïzseil privé beiden in onmiddellijke betrekking _
tot elkander bragt. Bij naast elkander staande magten is
een bemiddelaar noodig; tusschen een bovengesteld en
ondergeschikt gezag, zoo als het wetgevende en het reg-
, terlijke, wordt de vermeende bemiddelaar ligt een scheidend
element. Zoo kan men, wanneer het Hof van cassatie een
verzoek met grieven afwijst, geenszins zeggen, dat de wet-
geving het afgewezen heeft; want het is toch geen factor
daarvan. Het heeft den verzoeker, gelijk een overmoedig
portier van den drempel der wetgeving, zonder na te. vra-
gen, afgewezen. Vernietigt het Hof van cassatie een vonnis,
en oordeelt het op nieuw aangewezen regterlijk collegie
‘ naar deszclfs inzigten, zij het uit overtuiging, of uit
karakterloosheid, wie kan dan zeggen dat de wil der wet­
· gevende magt beslist heeft; wat biedt waarborg daarvoor,
l
l -_ ...._.__-._ .
volksvertegenxvoouligers; hetgeen hunnen persoon eene wetgevende
hoedanigheid had kunnen bijzetten. Velligt hield zich een wetgevend `
ligehaam voor veel te verheven, om zich aan enkele regtszaken te
bekreunen, op welk regt de Fransche Koningen ijverzuchtig waren. '
Men vond zich niet bewogen, den onschuldig veroordeelden Lnsnnqnn
van den dood te redden. In het bovenvermelde verslag van den Staats-
raad, van den IS Augustus 1807, leest men: «Zct dignité de ce corps en
est blesséc, pctrce qu'0n trcmsforme [cs leyislateurs en simplcs _ju_qes.»
`Wanncer de wetgevende Illagt zich eene enkele regtszaak aantrekt,
zoo daalt zü wel tot deze af', maar die afdaling is geene vernedering,
daar haar de edelste drijfveer ten grondslag ligt, namelijk de zorg en i
de achting voor het regt van den enkelen staatsburger. De Fransche
Koningen geloofden in oude tijden niet, dat zij zich vernederden , wanneer
zij in het Parlement voorzaten.
`
1