HomeDe cassatie-regtspleging in Frankrijk en eldersPagina 42

JPEG (Deze pagina), 573.93 KB

TIFF (Deze pagina), 6.84 MB

PDF (Volledig document), 70.31 MB

_ ii In IW I I . , ., I I, _y .. ii ., . .r ...»,.YY L., ,..2.. .,...­..`..­·... .,.`,....,....;;.i.­·.·~`.? »
l
... Q8 .i.- .
` 11. `
nirr nor van oirssnriis,
· opgerigt bg {Ze met van 1Zea 27 November 1790 (1),
lueramlerd door {Ze wei aan 27 Veaóäse VIIIC jaar. I
I. De meaaïgae laériáier clhme paissaace, demi Zes Zimiáes 1
. áziaáeaá iacemzaes (zoo als Nncrïnn Lonnwïaïï XVI noemt),
hij die feitelijk bekleed was met onbeperkte wetgevende
rnagt in de oogen van geheel de wereld, met uitzondering ill
Fi der Parleinenten, werd door de Omwenteling in deze magt
jl beperkt. De Parlementen werden in gewone geregtshoven
LQ hervormd.
l Nu stond geen hinderpaal meer in den weg, om een
jl opperste geregtshof voor het geheele Koningrijk op te
I rigten. Maar daaraan dachten de Fransehen niet. j
In de wet van 1 Mei 1790 werd de doorloopende beper-
king van de regtspleging tot twee instantiën uitdrukkelijk
bepaald.
De cassatie-procedure in den koninklijken raad kon dus
i niet in eene derde regts-instantie veranderd worden. De
A Koning , die de volheid van zijne wetgevende magt verloor, l
inogt geene vonnissen meer C3.SSGI‘€11. De eeïzseiljwáváinoest
. afgeschaft worden, zoo als ook bij art. 30 van het decreet
` i der nationale vergadering van 27 November 1790 plaats l
` _L__~..n-.
I
(1) Hier zij eens voor altgd aangemerkt, dat, indien de sclirijvcr
J _è van het Hof van cassatie spreekt, hij dat in diens vroegercn vorm (niet
zoo als dit thans, vooral door de wet van l April 1837, ingerigt is)
bedoelt, en alsdan l1eL]n·a«=seu.< bezigt.
ll


) `
l'
l T
1