HomePro Flandria servandaPagina 66

JPEG (Deze pagina), 1.23 MB

TIFF (Deze pagina), 7.61 MB

PDF (Volledig document), 140.46 MB

Jï · 50 DE BESTUURLIJKE SCHEIDING
i behoudens volkomen verhindering, de in het lan·d van kracht zijnde E
Al wetten moeten worden in a·cht genomen.
v ·; Het doel van deze bepaling is duidelijk: de belangen van de onder
` z. , vreemde bezetting levende bevolking t·e vrijwaren en te bevord-eren.
g ~1ï Daartoe wordt, ter voorkoming van regeeringloosheid, in de eerste
Q3 ` { ii plaats vereischt, dat de uitvoerende macht ov-erga. in de hand van hem, V
]*· die tot uitoefening er van feitelijk in staat is; in de tweede plaats, dat
­ de bezettende macht besture overeenkomstig de wetten des lands, ten-
3 zij de omstandigheden haar er toe nopen, er van af te wijken of op g
‘ i _ ·eenigerlei andere wijz·e in te grijpen. i
­ r Dat de uitvoere·nde macht in haar algeheelheid overgaat op den be- -
g, i ‘ zetter, daaromtrent heerscht vrijwel eensgezindheid ; in hoeverre
,4 g daarentegen de wetgevende macht in zijn hand overgaat, dienaangaan­
. “ de loopen de meeningen tamelijk uiteen, daar het begrip volkomen ‘0e¢·­ H
· i j himlermg niet voor iedereen denzelfden inhoud heeft.
H l · In hoeverre is nu de uitvoerende macht toereikend om een splitsing `_",
. als de bovenvermelde in te voeren?
De uitvoerende macht berust bij den Koning, die ze uitoefent door
, ` middel van maatregelen van algemeen bestuur, genoemd ,,k.oninklijke
lig- r besluiten", en die ter wille van de ministerieele verantwoordelijkheid, ïï
jäfï zijne ministers naar welgevallen benoemt en ontslaat; om nieuwe
J", · ministerieele departementen in het leven te roepen, behoeft hij nie-
i mands goedkeuring; hij kan het getal er van vermeerderen of ver-
minderen, naar hij dat voor het bestuur des lands dienstig acht. Zelfs
.|,’ ; zou hij sommige ministers kunnen aanwijzen voor bepaalde gedeelten ii
ï .· des lands, b.v. voor Vlaan·deren of voor het Walenland, en ook dezen
. maatregel, krachtens het gezag waarover hij beschikt, op denzelfden
* gron·d kunnen rechtvaardigen. Dit laatste geval deed zich tot nu toe
2 nog niet voor, doch is geenszins buitengesl·oten, want, volgens een on- ¥
giè wedersprekelijk staatsrechterlijk axioma, beslist alleen de Koning U
. over inrichting, regeling en in·deeling van zijn bestuur. Het E
Qïiï i · getal der ministers is sedert 1893 gestegen van zeven tot vijftien;
l elke vermeerdering werd eenvoudig bij koninklijk -besluit ingevoerd, H
H evenals elke der talrijke splitsingen en samenvoegingen van departe­ ,
i, menten. De eenige beperking van d·e macht d·es Konin·gs op dat stuk,
‘ , y zou wellicht kunnen liggen in de weigering, door het parlement, van L
{_ ‘ H de ten behoeve der nieuw ingestelde departementen, noo·dige credieten.
' · .4 Zoodanige weigering is echter, tot nog toe, nooit vo-orgekomen. Daar ï
l i gg 4 = tijdens de bezetting het begro·otingsrecht door het parlement niet kon ,
‘ i5 j worden uitgeoefend, móést dit wel overgaan op de bezettende macht en
i ,¤ · _ kon de gouverneur­.gen.eraal, ditmaal als drager der wetgevende macht,
i de noodige credieten op de begroeting uittrekken, mits hij zich daarin
. _ j liet leiden door het landsbelang.
ï ’i j Ten aanzien nu van de inrichting, regeling en indeeling van zijn i
,_ · _; bestuur zag de Duitsche gouverneur­generaal zich voor d·e volgende
I? .' feiten geplaatst:
» "
Jitilfläi i' _ ; g ,_ __,_/ M ,__._ M. rQ.we..-.--rrni.f;;a?;..HA;e-.;-.Wre - -` 1 -' een