HomePro Flandria servandaPagina 37

JPEG (Deze pagina), 1.20 MB

TIFF (Deze pagina), 7.62 MB

PDF (Volledig document), 140.46 MB

` _ Y, ` { W ­ Y ·. ` l ,
i
HISTORISCHE INLEIDING 21
Ȏ
pdddêk door_ de ambtenaren zelven, die ze zouden uitvoeren, dan die van deze
ä ,,derde taalwet".
War Op De toestand was in 1914 nog zóó, dat behalve Duitsch en Engelsch
» maar (twee aan het Nederlandsch verwante talen) alle andere vakken slechts
rdkdrr bij uitzondering in ’t Nederlandsch werden onderwezen, tenzij men als
Waar" zoodanig bescho-uwe en genoegen neme met het gebruik van tweetalige
al V€r‘ ' schoolboekjes (en welke!) en het opgeven van eenige wetenschappelijke
Wordt- termen in het Nederlandsch naast de Fransche, los van alle verband;
Schddr voor het beoogde doel: ontwikkeling van den Vlaming door middel
mschd F zijner eigen taal, geheel en al onbevredigend. Voeg daarbij, dat deze
Vddï te I wet geen vat had op het vrije onderwijs, en ·het nog tot 1910 heeft ge-
Sdcrdld duurd, voor en aleer het gelukte, wat in 1883 bekomen was voor het
urrV€r‘ middelbaar staatsonderwijs, nu ook eenigszins, langs een omweg, op te
_ leggen aan het vrije, dat is aan de zeer talrijke colleges en middelbare
d» ddrd L scholen ingericht door seculiere en reguliere geestelijkheid, en enkele
T Brgdu door leeken.
Fran" Dit armzalige gevolg der derde taalwet was onvermijdelijk,.doordien
rd dddr j het universitair onderwijs, dat de leerkrachten leveren ·moest, met uit-
Hdschd zondering van het docto-raat in d·e Germaansche philologie en enkele
r Werd facultatieve colleges, die voor geenerlei examen in aanmerking kwamen,
tdrr gr? geheel Fransch gebleven was. .
Zd dm' Voor zoover bekend is, zijn de Vlamingen het eenige volk op de
wereld, dat geen universitair onderwijs geniet in zijn eigen taal. Toch
ite, er- zijn ze ten allen tijde van de no-odzakelijkheid er van diep overtuigd ge-
het ge- E weest 1), bepleiten sedert tientallen van jaren hun recht om het te ver-
eze wet krijgen, doch waren in 1914 hierbij nog maar zoover gevorderd, dat een
1, voor ontwerp van wet ter vervlaamsching der universiteit te Gent in over-
andere weging genomen was, ofschoon sedert 1834 vier Fransche universiteiten
dat de tä (Gent, Luik, Brussel en Leuven) bestonden zonder dat bij de wet be-
m het ,3 paald was, dat het onderwijs in het Fransch zou worden verstrekt. In
'drr andere landen is het evenmin vereischte noch gewoonte, bij het inrich-
rWdCh‘ I ten van universiteiten, de onderwijstaal bij de wet te be-palen, maar:
al Odzd ;? dat het onderwijs in de landstaal geschiedt, spreekt immers vanzelf, en
dir? het á geldt o-veral als een axioma. In Vlaanderen is het echter geheel anders-
dïr als om, en daardoor was tot vóór luttel jaren, het hooger onderwijs bljïlêl ·
dd V€r‘ 2; uitsluitend het apanage van den adel en van de met hem gelijkstaande
gesteld. «‘ rijken gebleven, in plaats van voor allen zonder onderscheid toeganke-
klaag- lijk te zijn.
raktijk è En toch! niettegenstaande dit over de geheele linie Fransche onder-
hriften ` wijs, waarbij zelfs - ineredibile clietu -­ op een aantal scholen het
itrdddn Nederlandsch in het Fransch wordt onderwezen, niettegenstaande nog
*"" tallooze andere, met hetzelfde doel en met rijke hulpbronnen in het
F . 7 ..-.T.-.. ._...-..,.,_7.7,- -...._._77 1 ._.ï,,T...-_....._._-7Y7... .7- ....77 .
Nwulre g 1) Reeds in 1857 schreef SNELLAERT in het Verslag der Grievencommissier
r 183*% ,,Het bestaan van een Vlaamsch hooger onderwijs kan maar een vraagstuk
f; ,,van tijd en middelen meer zijn; in de geesten zit het reeds".
Pro Flandria Servanda 3

Ii
ïä
is