HomePro Flandria servandaPagina 33

JPEG (Deze pagina), 1.20 MB

TIFF (Deze pagina), 7.59 MB

PDF (Volledig document), 140.46 MB

HISTORISCHE INLEIDING 17
Ir die bestonden en nog bestaan, op het gebied van rechtspraak, bestuur,
g onderwijs en economisch leven.
H Art. 23 van de Grondwet voorzag een opzettelijke regeling van het
[- gebruik der talen voor het gerecht. Het heeft tot 1873 geduurd vóór die
e- regeling er kwam. Er waren verschillende verklaringen van de Grond-
·. , wet in zwang, die alle dit gemeens hadden, dat ze in ’t voordeel van de
,1; franschsprekenden waren.
ä- Tot in 1873 kon een Vlaming veroordeeld worden, zonder een enkel
L] woord van de geheele rechtspleging te hebben verstaan. Met artikel 23
g van de Grondwet in de hand, verdedigde ,,men" en verdedigden de
8 rechte-rs zelven de zonderlinge opvatting, dat rechters in het Vlaamsche
I- land de volkstaal niet hoefden te kennen e-n de bevolkin·g in het Fransch
_- (de officieele taal immers, de eenige waarin de wetteksten geldig
j waren) mochten rechten en veroordeelen - eene theorie, die men later ·
g zelfs in de Congo­kolo·nie niet heeft durven toepassen. .
E Zoo heeft het kunnen voorkome·n, ­dat in 1865 twee Vlaamsche werk-
g lieden, Jan Goucke en Pieter Goethals, die in Henegouwen werk hadden
L, gevonden, verdacht te Couillet bij Charleroi een·e zekere weduwe Dubois
- te hebben vermoord, onschuldig werden veroordeeld en ontho·ofd.
. __ Het geh·eele geding werd gevoerd in het Fransch, welke taal Coucke
I, » slechts zeer gebrekkig en Goethals heelemaal niet verstond. Tolk was
1 * een Luxemburgsche ,,gendarme", die noch het Fransch noch het
3 4 Nederlandsch behoorlijk kende·; zelfs de verdediger der beide be-
r , klaagden kende geen Nederlandsch, en had bij zijn betrekkingen met
1 zijn cliënten een vertaler gebezigd. De geheele beschuldiging berustte
- op de verklaring van een Waalsch­en politieagent, die - zooals gebleken
is - een door hem afgeluisterd gesprek tusschen Coucke en Goethals
- , ten gevolge van zijn gebrekkige kennis van het Nee-rlandsch verkeerd
- i had verstaan, en dus ook·‘·verkeerd vertaald. Toen enkele maanden later
3 de ware schuldigen ontdekt werden en h­et te laat was om de onschuldige
t _ slachtoffers eer en leven te redden, ging door het gansche Vlaamsche
- L land eene rilling van verontwaardiging.
·­· Dit voorbeeld ontslaat ons van het aanhalen van vele andere. Het
, eenige rechtsherstel, waartoe deze meer dan betreurenswaardige dwa-
ling aanleiding gaf, waren enkele, nog zeer onvoldoende wetsbepalingen
` op strafzaken, de zoogenaamde ,,eerste taalwet", in 1873 ingevoerd, na
: eindelooze, jarenlange behandeling en bespreking en niet vóor dat eene
. · nieuwe o·ngerechtigheid (de zaak Schoep, 1872-73) het geheele land in
, i . opschudding had g­ebracht. Eerst nóg vele jaren later schreef eene bij-
,1 komende bepaling van de wet op het begeven der academische graden
> ‘ voor, dat, om t­o·t rechter in het Vlaamsche land benoemd te kunnen
­ om worden, een examen in het strafrecht in het Nederlandsch dient afge-
: s legd te worden.
E Wie zich verbeelden mocht, dat, dank zij deze wetsbepalingen, een
· Vlaams·ch rechtswezen ontstond, zou zich deerlijk vergissen. Nog steeds
? zete·len in het Vlaamsche land rechters, die de taal des volks onkundig
L .
nl ­ ­ / ,4 _ '. r I