HomePro Flandria servandaPagina 25

JPEG (Deze pagina), 1.21 MB

TIFF (Deze pagina), 7.54 MB

PDF (Volledig document), 140.46 MB

li
ii
, HISTORISCHE INLEIDING 9
en 1 Toch werd in het beruchte ,,pétitio-nnement en masse" niets anders
zn i geëischt, dan dat, naast het Nederlandsch, het Fransch als officieele taal
* zou gelden. Het woord ,,vrijheid" was in de mode, en met ,,vrijheid van
en { taal’ werd niets anders bedoeld dan een dualisme der officieele taal dat
le _ het Voorloopig Bewind, als in strijd met de nationale eenheid, weldra
e- zou verwerpen.
r1- " Artikel 23 der Belgische grondwet nu werd gemaakt bijwijze van
al ' protest tegen en kontrast met den o·uden toestand en, zooals uit de
id beraadslagingen van het Nationaal Congres ondubbelzinnig blijkt,
en vooral met het oog op de-belangen der Franschsprekende advocaten in
le #* ‘Vlaanderen 1) : vóór 1830 was het gebruik van het Fransch niet onbe-
·d perkt vrij geweest; na 1830 zou dat gebruik wèl vrij zijn. Wie echter,
op grond van het petitionnement, meenen mocht, dat dezelfde vrijheid
en ten aanzien van het Nederlandsch zou gelden, zou zich deerlijk ver-
iï gissen. Integendeel, telkens en telkens werd het sedert 1830 openlijk
e- ä verkondi·gd: met artikel 23 van de grondwet wordt bedoeld dat het
re ; gebruik der talen ook voor den ambtenaar vrij is, en deze du·s niet
; verplicht is de taal van het publiek te kennen. Vandaar een eindelooze
reeks van conflicten, waarbij het publiek ten slotte steeds aan het kort-
ste eind trok - en trekt. Men ging nog verder. Het gezond verstand ten
1- trots, werd d-e ,,vrijheid der talen" opgevat als afgekondigd niet ten _
1- ” gerieve der burgers, maar ten gerieve van het bestuur; en bij
le I franschsprekende ambtenaren werd het een van hoogerhand openlijk
n I goedgekeurd en verdedigd stelsel, zich op de grondwettelijk gewaar-
p borgde vrijheid der talen te beroepen om daaruit af te leiden dat zij
geen Ne-derlandsch behoefden te ke-nnen 2). Logischerwijze had men,
I] ­-
t- geheele grondgebied van het Koninkrijk als voorwaarde zou gelden om een open-
Fs baar ambt te kunnen bekleeden.) In bedoeld besluit staat niets van dien aard te
lezen, veeleer het tegendeel.
- 1) Een beknopt overzicht dezer beraadslagingen is te vinden bij PAUL
- HAMELIUS, Histoire politique et littéraire du mouvement flamand, p. 63 vlg.
2, . 2) Ten bewijze de volgende verklaring van den oud­minister Fnèma ORBAN,
>S 1 in de Kamer der Volksvertegenwoordigers, in December 1887, bij gelegenheid s
FS van de bespreking van een ontwerp van wet, waarbij van alle te benoemen offi-
2- cieren kennis van het Nederlandsch zou worden geëischt: ,,_]’ai cru que, après
i- ce qui s’était passé sous le gouvernement des Pays-Bas, la disposition constitu-
C- tionnelle qui proclame la liberté des 'langues rendrait à tout jamais impossible
lf une proposition semblable à celle qui nous est faite. je crois que, co·nstitutionelle­
. ment, on ne peut réclamer rien de semblable de la part d’un habitant du pays".
1- (Ik heb gedacht, dat, na wat er onder ’t Hollandsch Bewind gebeurd was, de
[S grondwettelijke bepaling waarbij de vrijheid der talen afgekondigd wordt, een
H voorstel, zooals ons gedaan wordt, voor altijd onmogelijk zou gemaakt hebben.
5- Ik geloof, dat, grondwettelijk gesproken, iets dergelijks van geen inwoner des
Tl _ lands kan geëischt worden) (Aangehaald door P. FREDERICQ in Vlaamsch België
ëi , sedert 1830, dl. 2 (Gent, 1906), blz. 232).
i
1 .
i