HomeGeschied- en redekunstig gedenkschrift van Nederlands herstelling in den jare 1813Pagina 43

JPEG (Deze pagina), 764.58 KB

TIFF (Deze pagina), 4.02 MB

PDF (Volledig document), 33.27 MB

_ - 43 -
, 25sten was de Prins reeds te Deal, aan hoord van een Engelsch oorlogsehip ‘
g om naar Holland te stevenen. De oostenwind, die toen, gelijk vele dagen te
­ 1 voren en daarna, zonder afwisseling woei, belemmerde den overtogt, zoodat .
J, Hij niet voor den 30sten, laat in den namiddag, te Scheveningen aan den
:­ j wal stapte. In deze weinige en koele woorden ligt eene lofspraak opgesloten,
g- te rijk en schoon, om door reclekunstige bloemen te worden opgesierd. Vij
r j hebben den staat van Nederland geschetst, gelijk hij was in die dagen: hagche­
I- lijk, misschien meer dan hagchelijk. Die staat was den Prins niet onbekend,
jj want men had hem denzelven niet verzwegen. En indien hij zich daarom-
d trent, door begooeheling der Vaderlandsche drift, had kunnen misleiden, er
- ij waren sedert den 20stcn, uit Holland overgestoken, die geen belang er in
e stellen konden, om [lem dien veegen staat te verbergen. Op het tijdstip dat
- men in Holland dacht om te vlugten, en velen het voor groot geluk zouden
;, geacht hebben, in Engeland een veilige schuilplaats te kunnen zoeken; op
e t dat tijdstip dacht de Prins aan niets, dan om uit Engeland naar Holland te
6 komen, en door zijne tegenwoordigheid de goede zaak, wanneer zij wanke-
.> len mogt, op te rigten, te sehragen en te sterken. Onderstand van allerlei
i aard, in manschappen, wapenen en oorlogsbehoeften, was en werd met on-
- geloofelijkcn spoed bijeen gebragt, doch tcgenwinden hielden de havens ge-
,- sloten. Wie had het den Prins ten kwade kunnen duiden, zoo Hij het tijd-
8. stip had verbeid, waarop deze toerusting geheel in gereedheid was, en de
1 winden haar toelieten te vertrekken? Schecn dit niet door de voorzigtigheid
B te worden aangeraden? en was het niet overeenkomstig de waardigheid van
7 Nederlands Ialoold en Redder, ccnenmagtige ondersteuning in persoon aan te
g brengen? Wie had tegen dit verwijl iets kunnen inloggen? misschien zelfs
g werd het door bedaehtzaamheid en orde geboden. Alleen het hart, vol van eene ,
- ij edele bedoeling, kan naar die koude overleggingen en berekeningen niet luis»
,_ teren. Er is eene andere, een hooger stem, die daar binnen spreekt, en slechts
- de vraag doet gelden: waar roept mij pligt en nood? Die stem deed zich
,. hooren in onannäs borst; de stem des Vaderlands, zoo welluidend voor den
LL Vorstelijken halling, die den dierbaren geboortegrond liever betreden wilde,
,_ om hem te helpen vrijvechten, dan om in veiligen zegetogt zich op den voor- l
»_ lj ouderlijken zetel te komen plaatsen. Doorluchtig Vorst! zoo Nederland ooit
Y E de Vaderlandsche trouwhartigheid uwer moedige overkomst vergeten kan,
_ zal het U zwaarder beleedigd hebben, dan immer misleide burgers of regen-
_ ten U of uw huis beleedigden! Hoe gaarne wilde ik uw beeld hier schetsen!
1 lj maar eerbied weerhoudt mijne pen; en al mogt ik het, hoe zou ik het kun-
_ ip nen? Vorsten, die waarlijk Vorsten zijn, bezitten éóne hoedanigheid, waar-
z van een Heidensch Schrijver zeggen zou, dat zij hen den onsterfelijkcn Goden
j doet naderen: zij doen niet het goede om groot te worden, maar zü zijn
i groot om goed te doen. Hun denken, hun bedrijf`, hun gansche leven is voor P
‘ Y het heil van anderen, en men kan hen niet beloonen, dan door dankbaar-
‘ heid en liefde! Van zulk een Vorst vertoont Gij ons het beeld, van allen i
l l geëerbiedigde, gelijkelijk van allen geliefde wiunan! Opgevoed in den schoot l
g der Vaderlandsche en der huissclijke deugden, beproefd door ongehoorde
J rampen, geslingerd door het lot, zijt ge U zelven gelijk, U zelven waardig
» px gebleven: noch onbuigzaam door trotsehe hooggevoeligheid, noch vergetende
uw Geslacht, en den naam dien Gij draagt. Zoo zijt gij door God gevormd,
1 om te wezen wat Gij voor ons geworden zijt, de grootste weldaad der Voor-
tl