HomeGeschied- en redekunstig gedenkschrift van Nederlands herstelling in den jare 1813Pagina 26

JPEG (Deze pagina), 725.04 KB

TIFF (Deze pagina), 4.02 MB

PDF (Volledig document), 33.27 MB

j ­­· 26 ­­
,1
I dat de Fransehcn nog geene aanstalten maakten, om of uit Utrecht, of uit
* Gorkum te vertrekken: dat zij veeleer versterkingen ontvingen, en eene ‘
dreigende houding aannamen. Zoo zij eens, van den eersten schrik terug ‘
Q? gekomen, en vreezendc voor hunne eigene verantwoording,de verlaten pos- l
; = ten weder met geweld kwamen bezetten , wat tooneel zou dit openen! De ‘
E eerste gelukkige uitkomsten hadden zoo veel grond gegeven, om een gemak- `
i, ‘, kelijken afloop te hopen; en nu zag men alles duisterder in, naar mate deze ’
f hoop ontviel. Wat magt had men toch, om den vijand tegen te stellen? `
E i Veinige burgers, matig geoefend, maar vreemdelingen in het veld! Mogt al *
r hun moed het gebrek aan kennis en tucht des oorlogs vergoeden, het ont- ‘
i M brak aan allerlei krijgsvoorraad: er waren noch wapenen, noch kanonnen, '
T ` noch kruid, ll0Cil lood! Armen boden zich aan in menigte, maar ont- '
j bloot van alle middelen tot aanval of afweer. Ook had men zich gevleid,
` 21 dat de Russische voorhoede reeds geheel den IJssel zou zijn overgetrokken, S
i en de berigten spraken van haren terugtogt over die rivier. De Pruissische ` '
bij hoofdmagt, naar dezen kant in aantogt, hield te Munster stand, wachtte na- ' ‘
{ ’ dere bevelen, en vreesde hare gemeenschap met het groote leger af te bre- ’
l ken. Velk een oogenblik! ln den Haag en elders begon men te vragen, wat ‘
= Ai er was van den lastdes Prinsen van oaknna, in wiens naam alles geschiedde? I
. li Er werd reeds gemompeld van onvoorzigtigheid: van het land aan grooter ‘
» Y onheilen bloot te stellen; van een middelweg in te slaan, en slechts de rust l
E te bewaren; men protcsteerde zell`s tege11 de stappen, door sommigen op ’
x ‘ eigen gezag en willekeur gedaan! .... Dus begon bij velen de moed te zak- ‘
Li ken, en de goede zaak had misschien gevaar geloopen, zoo deze oorzaken
_ van vrees niet wederom door eenige betere uitkomst waren opgewogen.
‘l Zulk eene gelukkige uitkomst zag men nog denzelfden dag. De Fransche
, bezetting, die daags te voren den Haag had verlaten, bestond voor ver het
l grootste gedeelte uit vreemdelingen (étrangers); onder welke benaming een H
§ legioen was aangeworven, meest bestaande uit Pruissische krijgsgevangenen,
, n (waaronder zich ook Hollanders bevonden), die men gedwongen had in Fran-
,,I,‘ sehen dienst te treden: behalve dezen waren het gewapende tolbedienden,
_ die de Generaal nouvnaa onder zijne bevelen had. Met deze manschappen was
,`ê‘ hij des Donderdags door Rotterdam getrokken, en zijnen marsch voortzet-
j tende, des avonds te Capellen gekomen, waar hij de rivier moest overtrek-
`i ken. Doch hier weigerden de Pruissen langer den keizer te dienen. Zij maak-
jj, ten zich meester van de kanonnen, vernagelden dezelve, gaven vuur op de
I Q bedienden der douane, die hun tegenstand boden, wondden, naar men zegt,
ll in deze sehermutseling hunnen Bevelhebber, en keerden met alle de Offieie-
‘ ren, hunne landsliedcn, welgewapend en toegerust, naar den llaag te rug.
Reeds des Vrijdags zag men hen, ten getale van drie honderd man, aldaar
3 li aankomen en onder den Graaf van sriaun hunnen dienst aan den Prins vm
f oakme aanbieden. Deze versterking ,was aanzienlijk; zij benam op dat tijd-
? j stip alle vrees, en gaf hoop op verderen afval van vijand's zijde, daar er on-
i‘ der zijne troepen hier te lande nog vele vreemdelingen waren. Dus klaar-
L den zich voor het oogenblik wel eenige nevelen op, maar de onweêrsbui was
till nog niet afgedreven; men zag haar hangen en dreigen: en het was reeds
niet twijfelachtig meer, hoe de vergadering scheiden zou, die tegen den vol-
genden dag was zamengeroepen.
t i
(Ml