HomeBedrijfsorganisatie en medezeggenschapPagina 16

JPEG (Deze pagina), 805.04 KB

TIFF (Deze pagina), 5.52 MB

PDF (Volledig document), 45.33 MB

‘ T l
;· ä
-i 1
14 à
j prikkel van het eigenbelang zou, door het veld-
{gj winnen van de naamlooze vennootschap, steeds
‘ minder toepasselijk zijn op het bestaande productie- `
systeem. Er schijnt iets van aan, maar de bewijs- f
kracht van het argument is toch gelijk nul. Wa.nt
El waar de socialisten zich op beroepen, is juist de
Tai zwakke zijde der naamlooze ‘vennootschap.’) Het is
{Z een nadeel, wanneer de leiding niet door de gedachte,
dat haar eigen zaak de inzet iS, wordt bezield. En
l%°L er zijn dan ook allerlei hulpmiddelen, om den
;*` eigendomsprikkel en daarmede een groot deel van u
i de belangstelling in het wel en wee der onderneming, Q
ij door de achterdeur weer binnen te halen. Ik bedoel 1
het uitzicht, voor de directie, van aandeel in de : g
winst in den vorm van tantièmes en de veel voor- 1
komende verplichting van directeuren, een zeker ,_
in aantal aandeelen te nemen in de onderneming, die ig
zij besturen. Dergelijke correctieven heffen daarmee ïi
j het bezwaar ten deele weer op. Maar wat het socia­ 1
lisme met zijn beroep op de reeds veel voorkomende s
scheiding tusschen bezit en leiding ten gunste van g
‘ de socialisatie eigenlijk beoogt, is niets anders dan 1
‘ , het genoemde nadeel der scheiding uit te strekken ` ·
g tot het geheele bedrijfsleven. En, niet waar, een
i nadeel wordt er niet geringer door, wanneer het i
·, algemeen wordt gemaakt. Men bedenke bovendien,
wat dit voor de praktijk zou beteekenen. Want, het
i moge waar zijn, dat de naamlooze vennootschap
een steeds breeder plaats is gaan beslaan: het is
niet minder waar, dat daarnaast de z.g. eenmanszák ïë
en de met deze in dit verband op één lijn te stellen
2 z.g. Personalgesellschaften, de vennootschap onder ·T
firma en en commandite haar zeer groote beteekenis
ï in de privaatrechtelijke bedrijfsorganisatie hebben
1) Vgl. Ludwig Mises, Die Gemeinwirtschaft, 1922, blz. 198/199.
Het slagen der N.V. stelt hij op rekening van het eigenbelang j
bij de leiding: ,,Die Leiter der grossen Aktiengesellschaften Q
ïl sind mit den lnteressen der von ihnen verwalteten Unterneh­ f
mungen in ganz anderer Weise verknüpft als dies bei öff`ent~
3.;_ lichen Betrieben je der Fall sein kann."
.j_ _J