HomeNederlands zeemagt in verband met zijne overzeesche bezittingenPagina 70

JPEG (Deze pagina), 746.81 KB

TIFF (Deze pagina), 6.57 MB

PDF (Volledig document), 50.25 MB

ti!
es
jj varende Nederlandsche oorlogsschepen, of die van
andere natiën, verleent reeds eigenaardig eerbied
à en derhalve ook klem aan het gezag voor den supe-
` rieuren officier, die geroepen is, ’s Konings navale
magt over de wateren van den Ncderlandschen
ik O. I. Archipel, te handhaven. Als die officier het
i voor de dienst van den Staat noodzakelijk oordeelt,
zijne vlag te hijschen op eenig ander oorlogsschip of A .
jëi vaartuig, daarmede in zee te steken of wel met de
lj ’ strijders, onder zijne bevelen bijeengebragt, eska­
ij dersgewijs in de wateren van den Oost Inclischen ik
i Archipel te kruissen of te varen, moet hem zulks
vrij staan, en bij ontstentenis of andere legale ver-
hindering moet hij daarmede den in rang op hem
volgenden zee­ofiicier kunnen belasten; doch zulks
altijd onder de steeds bestaande bepaling, dat de ,
Gouverneur­Generaal opperbevelhebber van zee- en
landmagt blijft. Om dezelfde redenen komt ons
het voorstel, om de Gouverneurs der buitenbezit-
A tingen te doen bijstaan door een Nederlandsch i
hoofd­officier der Marine, als adviseur en onder­in-
specteur, onaannemelijk voor. Zulk een hoofd­offi­ K _
lj cier zou in den regel zeer weinig werkzaamheden
vinden, en zijn verblijf op de buitenbezitting eene ·
verspilling van krachten zijn, tervvijl hij doorgaans
·· aan tijdverveling zou zijn overgegeven. Het zou te-
; vens vermeerdering van geldelijke uitgaven veroor- I
" zaken, daar zulk een hoofd­ofiicier der Marine, '
; voor dat verblijf op eene afgelegene plaats, behoor- ·
j r ‘ lijk naar zijn rang dient bezoldigd te worden.
J _ j
l i
A