HomeNederlands zeemagt in verband met zijne overzeesche bezittingenPagina 29

JPEG (Deze pagina), 668.88 KB

TIFF (Deze pagina), 6.57 MB

PDF (Volledig document), 50.25 MB

27
spreid zullen liggen over wateren, die door diep-
gaande schepen niet bevaren kunnen worden.
Daarom heeft het ons ten uiterste bevreemd,
in een onlangs verschenen geschrift te lezen: ,,VVan­
,,neer de Nederlandsche Marine zonder eskader, op
,,kleine vaartuigen door den Indischen Archipel
. ,,verspreid, moet blijven voortkwijnen, dan ware
T ,,het beter geen millioenen aan eene Marine ten
, . t ,,koste te leggen, waarvan wij niet dan schande
,,en oneer zouden kunnen inoogsten.”
‘ Deze woorden zijn, zoo wij vertrouwen, den
schrijver zonder ernstig nadenken uit de pen ge-
vloeid. De voorbeelden van gewigtige expeditiën, _
q en de eervolle wapenfeiten daarbij door de zee-
>, magt met kleine vaartuigen volbragt, zijn zoo me-
tj nigvuldig, dat noodwendig de opmerkzaaniheid en
j belangstelling daarop moet gevestigd worden. Het
laatste berigt 1), dat ons, terwijl wij dit schrijven,
in handen komt, levert weder een treftend bewijs
op van ons beweren , dat de Marine van Nederland
1) De Amsterdamsche courant van 2 en 3 Januarij ll. vermeldt
het volgende:
[ »Volgens een’ partikulieren brief, gedagteekend Riouw, 13
j Nov. 1858, van zeer geloofwaardige zijde ontvangen, is door
eene expeditie, onder bevel van den Luitenant ter Zee 1** kl.,
A. J. imoer, bestaande uit Z. M. schepen Soembing, Haai en
· Padzmg, op den 9 Nov. te Rètéh eene luisterrijke overwinning
i behaald. De versterkte bentings van den Panglima bezaar, die
den nicuwen sultan van Linga niet erkennen wilde, zijn bestormd
en ingenomen, het vijandelijke opperhoofd gesneuveld. zeer vele
Q oproerigen gedood, 23 stukken geschut van 12, 8 en 6 pond
‘ E en 25 metalen lilas veroverd. De moed, de volharding en het