HomeReglement voor het Koninklijk Instituut voor de marine te WillemsoordPagina 14

JPEG (Deze pagina), 606.27 KB

TIFF (Deze pagina), 6.25 MB

PDF (Volledig document), 12.03 MB

H
,§ 12
.1
Art. 19. 4
xl
E De 3de afdeeling wordt op de ranglüst der Adelborsten
j geplaatst naar ouderdom. De 2de en 1ste naar de mate
1, van kennis en gemaakte vorderingen, gebleken bü het
overgangs­examen, en het gehouden gedrag.
v .
il. Art. 20. Q
4 O
ii Het eind­examen wordt gehouden door eene Commissie,
jaarlijks door den Koning te benoemen. Zü maakt van den
uitslag proces­verbaal op, houdende berigt en raad omtrent
i; de al of' niet benoeming, benevens de rangschikking der
Vi geëxamineerden naar de mate der betoonde theoretische en t
practische kennis, en het gehouden gedrag; dit laatste I
alleen te beoordeelen uit de officiele bescheiden van het
A Instituut over het laatste jaar.
De benoeming geschiedt volgens de rangschikking door
ig de Commissie aangewezen.
Y De bepalingen omtrent de verklaring of den eed, hier-
l voor in art. ll opgenomen, (met de büvoeging » en ge-
houden gedrag") zün hier ook van toepassing.

Art. 21. i
De Adelborsten der 3de klasse, 3de afdeeling, die bij `
th het examen aan het einde van het eerste studiejaar niet L
geschikt bevonden worden, om in de 2de afdeeling over ‘
te gaan, kunnen een jaar in de 3de afdeeling overblüven;
daarna weder niet voldoende, worden zij van het Instituut
verwijderd. i
De Adelborsten der 3de klasse, 2de afdeeling, bü het
In examen niet geschikt bevonden, om tot Adelborsten der
2de klasse, lste afdeeling, bevorderd te worden, kunnen j
een jaar in de 2de afdeeling overblüven; daarna weder
niet voldoende, worden zü van het Instituut verwüderd.
De Adelborsten der 2de klasse, 1ste afdeeling, bij het eind· Q
examen niet geschikt bevonden om tot Adelborsten der
je lste klasse, tot kadet­serjant bü het Korps Mariniers
El
ti;
th
:42
{ .