HomeHet regtsgeding van den heer Johannes Jacobus Kicherer, ontslagen kapitein bij de schutterij van AmsterdamPagina 23

JPEG (Deze pagina), 584.39 KB

TIFF (Deze pagina), 6.41 MB

PDF (Volledig document), 18.99 MB

- 23 - l
zonder regterlijke vervolging, af te doen. Verre
daar van daan, dat deze gelegenheid door u vaar-
dig zou zijn aangegrepen, zou de wijze, waarop uw
antwoord werd toegevoegd, bijna als eene nieuwe
beleediging zijn te beschouwen geweest.
Deze omstandigheid was mij, toen ik u het voor- j
. stel deed, geheel onbekend, en doet mij zeer leed.
[n de eerste plaats toch verzwaart zij uwe schuld.
Het aan het hoofd van uw corps gegeven ant-
woord was altijd berispelijk, maar, als in eene eerste
opwelling, in drift of overijling gezegd, kon het
ii, versehooning vinden. Zoodra daarover een dag
verloopen was, kon uw ongelijk door u zijn ge-
‘ voeld en het kon u slechts aan eene gunstige ge-
_ legenheid hebben ontbreken uw berouw daarover
aan den dag te leggen. Het later voorgevallene
toont echter het tegendeel en kan het door u ge-
sprokene niet anders doen beschouwen dan als een
opzettelijk gepleegd en later bij volharding volge-
houden pligt-verzuim.
Maar ten anderen doet het mij leed, omdat ik
hierdoor het door mij aangegrepen middel om de
zaak op eene voor u wensehelijke wijze af te doen,
onmogelijk gemaakt zie. De Kolonel zou toeh geen
genoegen kunnen nemen met eene honorabele amen-
de, na het tegen u gewezen vonnis gedaan, terwijl
hij u, vóór dat de zaak bij den regter was aange-
L bragt, te vergeefs de gelegenheid daartoe heeft
aangeboden.
Het voorgestelde middel is dus vervallen en ik
heb gemeend U.W.E.G. daarvan te moeten kennis
geven.
De llinister van Binnenlandsehe Zaken,
(was Get.) Tnoiuaneius.
Aan den Heer Kieherer, Ka-
pitein bij de Sehutterij te
Amsterdam.