HomeHet regtsgeding van den heer Johannes Jacobus Kicherer, ontslagen kapitein bij de schutterij van AmsterdamPagina 13

JPEG (Deze pagina), 643.22 KB

TIFF (Deze pagina), 6.43 MB

PDF (Volledig document), 18.99 MB

E
l
l
i
- 11 -
5
De onjuiste opvatting van dat art. 65 had hare aanleiding,
uit het verwarren van den algemeenen regel in art. 49 van
het aangehaalde Koninklijk Besluit met art. 58 der Grondwet.
Art. 49 van dat besluit geeft zonder uitzondering aan alle le- 1
den der Sehutterïj het regt van appel, maar art. G5 der ge-
noemde l«Vet van 11 April 1827 zorgt voor de bepaling der j
Grondwet, dat 0_/_jïCZ'G7‘G7Z niet dan door dan Koïzizzg Immïzea wor- 2
dan omtslagen, en er alzoo, ook na een vonnis tot wegzending i
van oliieieren door den Schuttersraad in kracht van gewijsde i
gegaan, of door gedeputeerden in appel gewezen, bovendien de
bekrachtiging des Konings vereiseht wordt, tot ontslag van den
i_ veroordeelden oilieier.
Geheel in dien geest ontving ik persoonlijk eene missive van
wege den Minister van Binnenlandsehe Zaken, in dato 11 Junij
1850, geteekend door den Secretaris-Generaal van dat Depar-
tement, waarvan de letterlijke inhoud is: lx dat art. 65 der Wet
H op de Sehutterijen van 1827, hier steeds verstaan is in dien
ll zin, dat het eerste lid altyd van toepassing is, ook bij weg-
,« zending van oilicieren en er dus altijd aan Gedeputeerde Sta-
H ten kan worden geappelleerd, en dat het tweede lid, van de-
vzclve vmmissea sprekende, alleen geacht wordt te slaan op de
~ ,« uitspraken van Gedeputeerden in hooger beroep, of op de
U vonnissen der Sehuttersraden, nadat die, door het verstrijken
j H van den termijn van appel, zonder dat daarvan is gebruik ge-
H maakt, in kracht van gewijsde zijn gegaan. Er bestaan dan
«» ook precedeuten bij andere Sehuttersraden (althans één heb
ll ik er gevonden) dat van de hier bedoelde vonnissen tegen
[/0_;j‘Z0ieren in hooger beroep is gekomen bij Gedeputeerde Sta-
«/ ten, en door dezen daarin is beslist. Hopende enz."

Deze missive werd den 21 Junij gevolgd door deze reseriptie
Q van Z. Exc. den. Gouverneur van Noord-Holland: