HomeBarbarenPagina 72

JPEG (Deze pagina), 948.80 KB

TIFF (Deze pagina), 5.28 MB

PDF (Volledig document), 95.94 MB

l ïäïïï
70
ï lz. 11;
n· ;‘
meer cavaleristen uit het bosch. Antwoord­geroep klonk
jj hier en daar en diende als contra·sein. ·
Vliegensvlug jagen de gedachten door de hoofden der l
jl jlfé vliegeniers. Het machinegeweer vóór op de machine is hun
jj lj eenige redding. Maar ze mogen niet verraden, dat ze een
ll ll ‘ïl§ dergelijk wapen bezitten, niet voor het laatste oogenblik.
De kapitein geeft korte duidelijke bevelen. De vijanden
moeten zich eerst verzamelen, voor het machinegeweer ge-
j g» jy toond mag worden. De kozakken zullen van tevoren reeds
het vuur openen. Niet alleen om hen tot overgave te dwin­ _
gl gen, doch tevens om door het geluid der geweerschoten
gg: hunne kameraden nog vlugger te hulp te roepen. Daarin
ligt voor hen het groote gevaar, maar zij moeten het te
{ij boven komen. Een andere weg is er niet,
ll Wanneer één van hen gewond raakt en na het gevecht
buiten staat is, zijn plaats in het vliegtuig te vervullen, dan
zullen zij beide weldra doode mannen zün. Maar nu dient
gïï er gehandeld te worden. Het is zaak om bij de Kozakken
den indruk te wekken, dat men alle pogingen om te ontkomen
j if heeft opgegeven en berust in het noodlot, zonder aan tegen-
A stand te denken.
gl- Langzaam klimt de kapitein naar zijn zitplaats in het .
vliegtuig. Hij zit daar nu onbeweeglijk, nadat hij zijn jas
il Ji, over het machinegeweer heeft geworpen. De luitenant loopt
een eindje verder naar achteren en gaat dicht bij den staart
van den tweedekker staan.
èl ix Willen zij kans van slagen hebben, dan moet de heele
j gi Kozakkentroep zonder kwaad te vermoeden naderbij komen.
jl Want als ze vermoeden, dat er hier een machinegeweer is
opgesteld, dan zullen zij afstijgen en in een tirailleurlinie
Ei] lj zich verspreiden. Dan is alles verloren, Neen, zij moeten in
Xl ` gesloten gelederen komen opdagen, als hongerige wolven,
,, ‘ l zeker van hun weerloozen buit. De kapitein heeft moeite
om zich in te houden. Toch is afwachten het parool. Hij
l denkt echter aan Oost­Pruisen, aan de verbrande steden en
Wij dorpen, welke hij onlangs heeft gezien, met stinkende zwarte
[ Qjl puinhoopen. Hij denkt aan onteerde vrouwen, aan zijn ver-
l moorde verminkte menschen, naast elkander neergelegd in
" § de tuinen der verbrande hofsteden tusschen verkoolde bal-
1 ken en vernield huisraad, met den eigenaar aan het hoofd
‘; en de jongste loopjongen aan het einde van de lange rij.
jg Zijne handen ballen zich onwillekeurig tot vuisten in mach-
., ,,
’ V
» ­ ·r ­`· ~­­­~i·T jj-; ‘_'v",j;':" "*"'iC"’:Tl`fi""`l“ïï°?ïY_;· L"­ï7·"i"i:ïTï?;vrYfiläfvrliwrylxàn-¤J`H­l­_~L._·/Alf; Y; Y lr rl