HomeBarbarenPagina 51

JPEG (Deze pagina), 826.20 KB

TIFF (Deze pagina), 5.38 MB

PDF (Volledig document), 95.94 MB

49 g
H springende granaatH had het hoofd van den romp gescheiden g
. en in het kanaal geslingerd. Toen was de oppasser van den
J orïcier, die ongedeerd was gebleven, te water gesprongen,
ä om het hoofd uit het slijk op te visschen. Lang, heel lang
E had hij moeten zoeken eer hij het hoofd van zijn luitenant j
had gevonden. En toen had hij het overgoten met water, J
g van modder gereinigd en afgedroogd. _ l
Het onthoofde lichaam was vreeselijk verminkt. Een
_· granaatscherf had de borstkas opengereten en vernield,
H zoodat licht roode stukken long tusschen de gebroken j
gc ribben zichtbaar waren. l
Het waren de aardsche overblijfselen van den piep­jongen l
luitenant, die zoo moedig het overschot van den gedeel-
meerden aanvalstroep in dezen moerasaehtigen rietpoel rondom H
zich had verzameld, die, zelf gewond, met eenige andere H
gewonden besloot nog een stormaanval te wagen tegen de HH
, Russische stellingen op den heuvelrug, en met gedunde
· gelederen den soldatendood wilde sterven onder een ver-
woeden stormloop. Nu heerschte er vrede over den jongen
e. onversohrokken held, hij dacht niet meer aan attaques ?
tegen den vijand. En naast zijn lijk hokte zijn weenende
oppasser, zijn vriend, en treurde, waanzinnig geworden,
' °ï over zijn geliefden dooden meester, zijn voorbeeldigen ka-
’ H meraad. De oogen der omstanders werden vochtig bij het
' . aanschouwen van dit aangrijpende diep­treurige tooneel.
3 ,,Kom met ons mee, brave jongen!"
B ,,Wat helpt het nog, om te blijven weenen!"
1 ,,Je luitenant kan je toch niet meer helpen, kom mee!" V
" j Maar woorden noch overredingen hielpen. De soldaat
[1 luisterde nergens naar. Met heen en weer wiegend boven-
g lijf bleef hij zitten. De patrouille moest doormarcheeren,
A g want daar kwam de vóórtroep van het eerste bataljon
D reeds aan.
H Nog altijd zat hij daar, toen de zwijgende rotten der
”’ Q garde­jongens reeds lang voorbijgemarcheerd waren. Hij
I" ` hoorde evenmin het toenemende strijdrumoer op de heuvels,
_ hoorde geen geweersalvo’s knetteren, noch het doodelijk
lg? geklop der machinegeweren en de granaatexplosies.
[`l'«· . * at *
kt Toen korporaal Müller, licht gewond aan zijn arm, des
· , avonds zijn weggesmeten ransel ­ welken hij in het don- H
l 4