HomeVoorheen en thansPagina 6

JPEG (Deze pagina), 737.44 KB

TIFF (Deze pagina), 6.61 MB

PDF (Volledig document), 51.56 MB

‘f
S
g 4
?
I ook leden van eene andere faculteit waren en daartoe
{ behoorende lessen gaven, namelijk ]. F. L. Sc1111ö1>ER die,
behalve het mathematisch onderwijs, ook collegiën gaf in
logica, psychologie (onder den naam anthropologie), {
* methaphysica en moraal, en N. C. DE Fiumenv die, als
lid der geneeskundige faculteit, lessen gaf in medzkzäm
fazmzszk, vzzmhkzäm palzïzba en pharmacie, en, als lid der
wis- en natuurkundige faculteit, die in chemie , mineralogie
I en geologie, waarbij hij vroeger nog de zoologie had
gevoegd; doch voor deze laatste was hij, en wel naar
men verhaalde, zeer tegen zijn zin, eenige jaren vroeger
i vervangen door den professor extraordinarius TH. Gr. VAN
LIDTH ns JEUDE, die tevens leeraar aan de Veeartsenij-
school was. De beide overige professoren waren: J. Kors,
vroeger predikant en nog geregeld eene maandelijksche
k predikbeurt bij de doopsgezinde gemeente waarnemende, _
E een goed kenner onzer inlandsche flora, en als zoodanig
‘ met het onderwijs in de botanie belast, en G. MOLL, aan
wien het onderwijs in de physica en de astronomie was
opgedragen.
j Het kan niet anders of het jongere geslacht, dat alleen . _
j onze tegenwoordige universiteiten kent , moet zich verbazen W
l over zulk eene opeenstapeling van vakken , waarvan het
onderwijs aan een enkelen professor was toevertrouwd,
j evenals over het zonderlinge in elkander grijpen van ver- t
E schillende faculteiten.
Om dit begrijpelijk te maken, moeten wij een stap
teruggaan in de geschiedenis vant het akademiewezen in
ons vaderland. Vóór de invoering der nieuwe regeling
van het hooger onderwijs door het koninklijk besluit van ·
· 2 Augustus 1815, bestonden aan onze akademiën geene
_ wis- en natuurkundige faculteiten, evenmin als deze trou- A
wens nu nog bestaan aan het meerendeel der Duitsche ‘
universiteiten. ·
[
Q 1