HomeHet Rijk der Nederlanden, zijn vertegenwoordiging en zijn behoudPagina 17

JPEG (Deze pagina), 644.49 KB

TIFF (Deze pagina), 5.36 MB

PDF (Volledig document), 24.07 MB

1
ie
§ 6. De diensttijd onzer Militiëns is bij de Grondwet .j
op 5 jaren vastgesteld; elk jaar treedt de oudste ligting
af en treedt er eene nieuwe op , - dienaangaande nogtans
i? met deze uitzondering, dat wanneer de Staat in Oorlog jl
Y of in andere buitengewone omstandigheden is, ­­- de Mi- il
A litie tot langere dienst kan worden verpligt. Wat nu
evenwel door buitengewone omstandigheden eigenlijk ver- 1
i staan wordt, is niet nader omschreven, - maar waar-
_ schijnlijk doelt die bepaling zoowel op eventueele Binnen- ij
landsohe beroeringen, als op Oorlogen die in onze nabij-
i i heid door andere Mogendheden onderling mogten worden
gevoerd; met echter, op toestanden zooals b. v. de tegen-
woordige er een is, -­ een toestand van dusgenoernden 1
gewapenden vrede.
_ Te zamen tellen de 5 ligtingen geenszins 5 maal de
ligting van 1 jaar, maar aanmerkelnk minder, - aange- g
i zien er uithoofde van allerlei oorzaken een aehtereenvol- 'A
‘ gend verlies is, - ’t geen te weeg brengt dat het geza-
menlijk sterkte-cijfer langzamerhand tot minder dan 80
ten 100 inkrimpt.
4 Dit in aanmerking nemende, en voorts ons Leger op Q
105.000 man willende vaststellen, - van welk aantal wij
nogtans achten dat er 10.000 Vrijwillig-dienenden zouden
zijn, ­- zoo hebben wij ter bepaling van het vereisehte
jaarlijksch contingent, - dit X noemende, ­- deze be-
jj rekening: _
X >< 5 >< 0.86 1) = 105.000 - 10.000 = 95.000 man,
i 1) ··Militaire Spectator, 1872. Rubriek: Wets-ontwerpen, enz. Bladz.
92". Naar de hier verstrekte opgave is het verloop 14.59 ten 100; ·-
weslialve 86 ten 100 eigenlijk te gunstig gerekend is en had beliooren te
zijn 85.41 ten 100.
.1
äi
il
4.
1