HomeHandleiding tot het statistisch onderzoekPagina 27

JPEG (Deze pagina), 785.09 KB

TIFF (Deze pagina), 5.47 MB

PDF (Volledig document), 22.49 MB

l
l
Q ix. smrrsrrsk. 23

n sporen. Die oorzaken kunnen in de natuur der dingen liggen. °
1 Eene vruchtbare vlakte zal eene dichtere bevolking kunnen dragen
l dan eene ruwe bergstreek. Maar die oorzaken kunnen ook, tegen
1 de natuur der dingen in, sociale of politische zijn, aehterlijkheid
2 in beschaving, onveiligheid, aanhoudende staat van oorlog of er-
l felijke veete, en dergelijke.
Een der belangrijkste punten van wetenschappelijk onderzoek,
lj waar trouwens ethnologie en statistiek samentreffen, is de physieke
1 gesteldheid des volks, de lichaamsmaat, grootte, zwaarte, spier- 1
t j kracht enz. bij de beide geslachten. Hier zal men tot proefne- r
l mingen de toevlucht moeten nemen , en daartoe ook wel gelegenheid
. Q vinden als men het vertrouwen en de goede gezindheid der schare
ç heeft kunnen winnen. Elk afzonderlijk resultaat dezer proeven moet
­ worden opgeteekend, de uiterste afwijkingen naar beide zijden (plus r
· 5; en minus) zoo ver mogelijk nagespoord, en het middencijfer bere-
­ lt kend. Dat hier vooral niet zonder beteekenis is wat in § 10 ge-
, zegd is over de waarde der groote getallen, zal iedereen bevroeden.
> Tot denzelfden kring van onderzoek behoort ook wat men ge-
r woonlijk noemt de medische statistiek, de kennis van den zieken
s en gezonden mensch. Zij zal hebben na te sporen in welke mate
2 22 en verhouding onder eene bevolking afwijkingen van den gezonden ,
= » normalen mensch voorkomen: t. w. het getal blinden, dooven,
r j stommen, idioten, krankzinnigen, rachitisch misvormden; zij zal
‘ l voorts en vooral hebben te onderzoeken, aan welke ziekten en
r kwalen de bevolking meer of minder onderhevig is, rn. a. w. de
i soort, aard, ontwikkelingsgraad, verschijning en verdwijning, wer-
king van endemiën en epidemiën, een en ander in verband te
brengen met de gesteldheid des bodems en de leefwijze, zeden.,
begrippen, bijgeloovigheden des volks.
Eene voorstelling van den graad der intellectuëele en moreele
ontwikkeling des volks is kwalijk onder cijfers te brengen. In de
beschaafde staten bezigt men als maatstaf voor de intellectuëele
· de statistiek van het schoolbezoek, van de resultaten van het on-
derwijs, van de inrichtingen voor wetenschap en kunst enz., en
voor de moreele de statistiek der misdrijven, der gevangenissen,
-der zelfmooïden, der prostitutie, der onechte geboorten. Doch
zijn hier alreeds die cijfers niet onbedriegelijk, veel minder zal ,
· men nog uit zulke cijfers licht kunnen putten, waar men te doen {
heeft met half-beschaafde of onbeschaafde volken. Men zal hier 1
à op meer algemeene kenmerken hebben te letten en den graad der á
{ intellectuëele ontwikkeling trachten af te meten naar het bevat-
tingsvermogen en den kunstzin, die zich in het dagelijksch leven
· en bedrijf openbaren, naar de begrippen van geriefelijkheid, weelde
‘ en opsehik, die zich in kleeding, huisraad en gebouwen vertoonen, j
YZTï` ' ` " . =' J; - ··"‘