HomeDe Geuzen, of het morgenrood van Neêrlands onafhankelijkheidPagina 13

JPEG (Deze pagina), 572.39 KB

TIFF (Deze pagina), 4.66 MB

PDF (Volledig document), 21.80 MB

g { l
. 7
W ten boorde, ja tot overloopena toe. had eene nieuwe
E uitgeschreven, gewoonlijk de tiende pen- "
ning geheeten, die loodzwaar tegeläk op groot- en
1 kleinhandel drukte. Deze willekeurige bestond
à uit drie deelen. le Moest de honderdetepenning
of éen gulden van de honderd betaald worden van allw
E wat men bezat. Dit moest slechts eenmaal geschieden,
of liever zoo de landvoogd dit beval; maar
I? behoefde niet herhaald te worden. 2e De 20ste
penning, of ten honderd, werd gevraagd bä den
IE verkoop van alle onroerende goederen of vaste bezittin-
gen, zooals huizen, lauderiien enz. En 3e werd eene
_‘ belasting van 1G ten honderd gelegd mp elk voorwerp
van handel in roerend goed te betalen, zoo dikwijls dit
f verkocht zou worden?
ï En niet alleen dat deze geldatpereing op zich zelve
~ reeds drukkend waa, bovendien werd nog hatelijker g
gemaakt door de wüze, waarop werd ingevoerd. De {
privilegiën der Nederlanden hielden in, dat de Vorst,
als geld 11006% had, dit zelf bij de Staten kwam A
vragen, en als het niet gaven moest t
wachten tot het er eene over waren. Karel V had N
zich nooit over de Nederlanders te behlagen gehad, waar N
‘ het op geldelijke bijdragen aankwam; maar had ook _,
p altijd hunne privilegiën geëerbiedigd Wat gaf echter jl
‘ de hooghartige Alva om de voorrechten en rechten van
, een volk, dat in z§n geheel doodschuldig had ver-
klaard, räp voor brandstapel en schavot!
Toch bedroog zich. Ale een eenig man stond het
geheele volle hem tegen- lt Was nu niet meer de vraag: g
gl át Hooxnsch of Onrooïnsch, Ketter en Geus of goed
l
ä 1