HomeLeiden in 1574Pagina 17

JPEG (Deze pagina), 840.25 KB

TIFF (Deze pagina), 6.87 MB

PDF (Volledig document), 16.52 MB

1
Y 13
l De Prins beschouwt den Koning als een Vorst, die voor een pooze,
onder den invloed van verkeerde raadslieden, verblind was. Hij zou wel
anders oordeelen, als hij beter werd ingelicht. Tot zoo lang moest men, -
.' in zijn naam maar doen wat ’s lands welzijn vorderde -­- en het was dan
” ook daarom, dat in den stichtingsbrief van Leidens hoogeschool niemand
anders dan Filips het woord heeft. ,,Also wy bevinde, dat mits de jegen-
l woordighe en lanchdurighe rycksberoerten binnen onse lande ende Graei`-
schappen van Hollandt ende Seelandt, alle goede institutie, leeringhe ende j
‘ stichtinge des jeuchts ende de oeifeningc derselver in scentien ende vrye j
ij konsten geheel en al in vergeten, ende nu einighe jaren achter uytgegestelt _
. is; - sonderlinghe mits ale versc/ieiilenheyl ofte omlersclieyt van den Religie, ii
1 sonderlinghe oook, dat wy geneicht syn, onse stadt van Leyden met den
L burgeren ende inwoonderen van dien, ten aensien van den groten last
i ende noot van den voorschreven crych, by henluyden in aller getrouwicheyt
gedragen, by alle weghen ende middelen te gratifieeren; -- hebben wy
by rype eleliöemlie emle aalvys van onse lieven here Willem Prince van Omn-
giea , Stadhouder ende Gapiteyn Generaal voor ons over Hollandt,
Seelandt, West-vrieslandt en Utrecht, binnen de voorsz. stede van Ley-
den, geordonneert ende opgericht - eene vrije, openbare schole ende
Universityt."
In ditzelfde stuk wordt bij het vermelden van de vakken van onderwijs
in de eerste plaats genoemd de godgeleerdheid, doch onmiddelijk daarna
de Scientien der regten, medicijnen, mitsgaders de philosophie en andere
vrije kunsten, ook de talen Latijn, Grieksch en Hebreeuwsch." Terecht
j is opgemerkt, dat niet met zoo vele woorden gewag wordt gemaakt van
de gereformeerde theologie. Misschien is dit geschied, om den room-
5 schen niet al te zeer te kwetsen. Wat evenwel het eigenlijke en voor-
name doel is geweest, dat de Prins zich voorstelde met de stichting
der Akademie vonden wij in een brief van hem, gedagteekend 10
Mam 1582.
j Daar toch lezen wij: ,,Mijn doel bij het oprichten der school, dat voor- ,
i namelijk van mij is uitgegaan, was vooral, dat men voor alle dingen zorg
H zou dragen voor de studie der godgeleerdheid! En Jan van Houten ver- i
1 zekerde dan ook in 1592, toen hij met een redevoering het Staten-Collegie V
opende: de voornaemste beweghende oorzake van de stichtinge" dezer
` Universiteyt (’t zij mij gheoorlooft het geheym te openbaren) was de
Q Tl1eologie." e
Zoo is dan belangstelling in dit vak van wetenschap dat zoo dikwerf ge- ;
smaad wordt door hen, die zich bij uitnemendheid wetenschappelijk heeten,
de oorzaak geweest dat ons vaderland verrijkt is met het bezit van een
inrichting, vanwaar over heel het vaderland kennis en beschaving zijn ver-
spreid geworden.
Het zou ondankbaar, en met den historischen oorsprong der theologische

Q