HomeEen Nederlander in geteisterd BelgiëPagina 50

JPEG (Deze pagina), 694.83 KB

TIFF (Deze pagina), 4.42 MB

PDF (Volledig document), 39.07 MB

Rij
kr; 42
invrijheidstelling van de twee professoren. Ik kon n.l. mijne
tusschenkomst ten bate van de laatsten verklaren door de
omstandigheid, dat zij mijn reisgenooten geweest waren, en
Eig stond ook hierdoor sterker, doordat ik geen Katholiek was ä
en de verdenking van partijdigheid uiterst onwaarschijnlijk ë
werd. Ik legde den gouverneur uit, dat het hier geleerden
van naam waren, die geen kansel tot hun beschikking had-
den, als particulieren leefden, zoodat hun gevangenneming
jl op grond van vermeende ophitsing van het volk op absoluut
niets berustte. De gouverneur liet mij daarop opmerken, dat li
tegen hun invrijheidstelling geen bezwaar bestond en stond
mij toe, hun dat persoonlijk mede te deelen.
Ik dankte en vroeg tegelijk om de benoodigde autorisatie,
daar ik niet veronderstellen kon, dat men de twee heeren
onmiddellijk met mij mede zou geven, zoodra ik deze order
overbracht. Toen hij mij mededeelde, dat hij daarvoor zou I
zorg dragen, vroeg ik hem toestemming om nog een opmer-
king te mogen maken. Ik zeide, dat ik had opgemerkt, dat I
de troepen à priori zeer tegen allen waren ingenomen, die j
het priesterkleed droegen, zoodat het te betwijfelen was, of
zij bij de gevangenneming wel met de noodige correctheid p
Q waren te werk gegaan. Ik veroorloofde mij, hem opmerk­ j
zaam te maken, dat ik voor mij alleen eene directe ver-
plichting voelde om op te komen voor de beide mgrs., daar · j
fi wij samen waren uitgegaan en dus samen moesten thuis- ·
. komen en dat ik, als onderdaan van een neutraal land, er »
wel niet aan dacht om mij zonder eenige autoriteit in zijne t
bevoegdheden te mengen, maar toch waagde hem te doen
­ opmerken, dat ik niet de eenige zou zijn, die hier zou kun-
nen denken aan een betreurenswaardige dwaling van subal- ij
terne officieren, voor wie misschien als verontschuldiging ,
i_ zou kunnen worden aangevoerd, dat zij tijden vol verschrik­ lj
kingen hadden doorgemaakt en, terwijl zij door vreedzaam
I · lijkende steden marcheerden, de vrees koesterden, op het
onverwachts door anonieme vijanden te worden beschoten
r en derhalve in nerveusen en verbitterden toestand verkeer-
` den. Mocht Z.Exc. er toe kunnen besluiten, om aan al die
ä a
1 ­l