HomeEen Nederlander in geteisterd BelgiëPagina 44

JPEG (Deze pagina), 688.42 KB

TIFF (Deze pagina), 4.42 MB

PDF (Volledig document), 39.07 MB

ë

soldaat de tusschenkomst te doen inroepen te Brussel van
den hertog van Aremberg, dien hij in zijne functie van
jj; curator der Leuvensche universiteit goed gekend had, en die
if een persoonlijk vriend des Keizers was. Ik stuurde den ·
soldaat naar den majoor toe, hoewel ik mij van dien stap
niet veel voorstelde. Men vroeg mij, wat ik met die heeren
te maken had en waarover ik mij druk maakte. De Keizer
zou nooit de invrijheidstelling toelaten, zoodra hij wist,
hoeveel manschappen er in de dorpen vermoord waren, enz.
enz. Ik antwoordde, dat ik dat wel eens zou willen zien en ,
nam van de geestelijken afscheid.
Na in een stampvolle tram naar Brussel te zijn terug-
gekeerd, dacht ik mij tot den rector­magnificus der Univer·
sité Libre te wenden, ten einde hem te verzoeken om zijne i
tusschenkomst bij den militairen gouverneur van Brussel.
Het was echter niet gemakkelijk om dezen heer te vinden
en ik bedacht trouwens, dat het niet onmogelijk was, dat ,
een nederig onderdaan van een neutralen staat in omstan-
digheden als deze wellicht meer zou kunnen bereiken dan
eenige burgerlijke autoriteit van een veroverde stad, waar~ ~
mede de militaire gouverneur allicht op gespannen voet
leefde. lk wandelde kalm het Gare du Nord binnen en vond i
daar Ober­l..eutnant L., een Dr. Juris, een geletterd en fijn
f; beschaafd man. Wij namen naast elkaar op een bank plaats
en begonnen een alleraangenaamst gesprek over onderwer­ j
pen van algemeenen aard. Een groepje reserve-officieren ik
Y kwam binnen; ze kwamen net van Leuven gemarcheerd. Om i
half een des middags hadden wij uit Leuven een zwaren
rook zien opstijgen, de pas gekomen officieren bevestigden
ïi mij, dat men bezig was, tijdens hun doortocht door Leuven r
` geheele wijken in brand te steken; een eigenlijk bombarde-
ll ment had niet plaats gehad. ,,Het is schande!" riepen zij -
uit, maar toen ik mij bij dien uitroep aansloot, deden ze
‘ mij, trouwens zeer beleefd, opmerken, dat men officier
V moest zijn om de noodzakelijkheid van zoo'n maatregel r
§ onder omstandigheden toch in te zien. Ober­Leutnant L.
` ried mij aan me direct met den generalen staf in verbinding
1