HomeEen Nederlander in geteisterd BelgiëPagina 13

JPEG (Deze pagina), 614.64 KB

TIFF (Deze pagina), 4.45 MB

PDF (Volledig document), 39.07 MB

j 5
ï houden ons dan vriendschappelijk. In de spaarzaam ver-
‘ lichte kerk ziet men vrouwen en kinderen, ten doode ver-
, moeid, op stoelen gedoken. De officier wil mij niet laten
’ gaan. Daar protesteer ik echter ten sterkste tegen en beroep
_ mij op mijn Freischein en mijn Nederlanderschap.
I Op een stoel in de kerk zou ik niet kunnen slapen en ik
j wil absoluut in het dorp naar huisvesting zoeken. De officier
[ liet mij gaan, maar waarschuwt mij alleen nog dat in den
, nacht de geweren vanzelf afgaan, daar de soldaten buiten­
`I gewoon nerveus zijn en voegt er bij, dat er geen sprake van
is, dat ik naar Leuven zal kunnen terugkeeren. De marsch
Q tegen den loop der legers in is geoorloofd, met den loop
der legers mede niet. Een eind verder word ik opgepakt
en naar de wacht gebracht in het stadhuis, die mij daarop
` op het stroo in de secretarie een ligplaats aanwijst. Men
` biedt mij eten en wijn aan. Als ik aan den onder-officier
van de wacht vraag, of zij dan zooveel wijn hebben, ant-
woordt hij, dat er meer is, dan zij met mogelijkheid op kun-
nen drinken. In den nacht werd ik wakker door alarm. Er is
j geschoten en een huis in brand gestoken. Bij het ontbijt
' werd mij weder wijn aangeboden. Ik bedank natuurlijk
q weder en tracht, verschrikt door de bedreiging van den
vorigen avond, mijn plan opgevende om Diest te bezoeken,
l den weg naar Leuven te bereiken. Onder weg word ik nog
_ ‘ eens als ,,spion" door een bende soldaten hardhandig een
. | eindje medegevoerd, maar ten slotte weder losgelaten.
, Het was een vreemd gezicht, die vermoeide en beangstigde
_ l vrouwen uit de kerk te zien komen en het dorp te zien
, vullen, waar zij in geopende huizen met slechts soldaten
, I om zich heen den verderen dag zouden doorbrengen.
. g Ik ga ongestoord door de voorposten. Halverwege Leuven
[ _ word ik staande gehouden door een groep officieren bij een
E rustend transport, die mij den vorigen dag naar Aerschot
; hadden zien gaan, en mij thans zien terugkeeren. De com-
, ä mandant wil mij niet laten passeeren. ,,Gij gaat niet naar
. { Leuven", zeide hij, want daar zoudt gij alles vertellen, wat
ä gij in de dorpen gezien hebt". Ik antwoordde: ,,Wat zou
E
I