HomeBeknopt overzicht der MaaskwestiePagina 19

JPEG (Deze pagina), 816.13 KB

TIFF (Deze pagina), 6.61 MB

PDF (Volledig document), 14.28 MB

l
-~ 16 ---
genoeg lasten gedragen en geen lusten gekend hebben, dat wij ;
vast besloten zijn krachtig, eensgezind en onverpoosd te werken
aan een nieuwe toekomst voor Limburg; j
waarheid eindelijk, wat >>HelHa1zdelsblad<< schreef, eenige
i weken geleden: dal Limburg mede belbl C/zrisfelqike Ministeries
· fe lafen regeeren. j
Moge Limbaicg er 00k bei siayïeläk vobrdeel van lzebben.
=i¢ X:
Maastricht Mijne Heeren bevindt zich in een tijdperk van ’t
grootste gewicht. Thans wordt uitgemaakt wat Maastricht zal zijn
gedurende eene lange toekomst; of wij onherroepelijk zullen ver-
vallen tot eene doode provinciestad, of wel de bloeiendste
steden in den lande naar de kroon zullen steken.
Een lzeerlbk contrast varml de lzandelwäze der lzaidzge Regeering, j
vergeleken by die van vroegere.
Met blijdschap kunnen wij constateeren dat men thans in den
Haag ernstig bezig is met de plannen der kanaliseering en dat
de verdienstelijke Nederlandse/z­Be@‘ise/ze Commissie, met kracht
werkt, aan de oplossing dezer complexe kwestie.
Onomstootbaar vast staat het, dat Limburg behoefte heeft aan j
een nieuwen verkeersweg en dat die verkeersweg de gekanali- . ë
seerde Maas moet zgn, in /zez‘ belang van Nederland. 1
Ik laat het verder aan deskundigen te bewijzen, dat het niet
waar zou zijn, dat het Tractaat van 1863 onze Maas opgeofferd
heeft en of het alléén de kwestie zou zijn van den grooteren diep-
gang onzer huidige schepen, dat de Maas voor de scheepvaart
thans niet meer bruikbaar is.
Laten wij intusschen niet napleiten en naar vermogen onze j
Regeering steunen, waar zij blijk geeft, thans ons te willen geven .
wat ons toekomt.
Aan ons de toekomst, aan ons de actie en daarom in krachtige
vereeniging, geschaard om degenen, die ons plaatselijk en ge-
westelijk besturen en vertegenwoordigen, opdat wij onze mannen
sterk maken, onze mannen, die eene ontzettende verantwoorde- j
lijkheid dragen voor ons en voor het nageslacht. i
Moge dat nageslacht, mijne Heeren, redenen hebben met fier-
heid te wijzen op onzen tijd en in waarheid kunnen getuigen: j
, in 1908 woonden mannen aan de Maas, die van deze rivier
t weder, en nn blyvend, een bron van zegeningen hebben gemaakt 1
v00r Nederland en Limburg. ,
l
l