HomeDe S.D.A.P., wat zij is en wat zij wilPagina 37

JPEG (Deze pagina), 1.08 MB

TIFF (Deze pagina), 7.04 MB

PDF (Volledig document), 70.71 MB

i
j zmiddel den grond uit het bezit der voortbrengers in dat der
j kapitalisten zich ook in den landbouw en wel allereerst in de I
Z uitbreiding van het pachtstelsel. Het pachtstelsel is voor
j den kapitalist de aangewezen manier, om zoowel de vruchten i
t j van den arbeid der werkelijke voortbrengers (arbeiders en boeren) i
in den vorm van pacht tot zich te trekken, als om de waarde- ,
vermeerdering, die ’t gevolg is hetzij: van aangebrachte verbete­ f
ringen, hetzij van maatschappelijke oorzaken (dichter bevolking,
nieuwe verkeerswegen, hooger prijzen der produkten) in zijn .
` zak te stek·en. H·et vertoont d·en kapitalist in al zijn overbodigheid, F
als eenvoudig parasiet op de voortbrengende bevolking en is 2
dan ook uitermate geschikt, om bij de landelijke bevolking de
idee van het maatschappelijk bezit van den grond ë
ingang te doen vinden. Met de hypotheek is het de perspomp ‘
van het kapitaal op de arbeidende bevolking en de enorm
groeiende prijsstijging van den grond, die de kapitalistische klasse *
meer en meer ten goede komt, bewijst, hoe goed voor haar die V
pomp werkt. ,Van de 10o landbouwbedrijven ten onzent werden
in 1888 ruim 58, in 1910 slechts ruim 50 door den eigenaar j
geëxploiteerd. Hoewel bij gemis aan de noodige gegevens niet H
is na te gaan, hoe zich de hypotheken over de landelijke
, ‘ en de gebouwde eigendommen verdeelen en hoeveel nieuwe
Q hypotheek, na aftrek der doorhalingen, jaarlijks op de landelijke j
L eigendommen wordt gelegd, is het toch duidelijk genoeg, dat
è een groot deel van den grondeigendom slechts eigendom in
. ` naam, en de hypoth·eekbanken' voor dat deel de werkelijke
I eigenaren zijn. Het aantal dier banken steeg in 1901 tot 1910
ï van 48 tot 68 en het bedrag hunner hypotheken is van 312 tot .
564 millioen gestegen. Alleen op landelijke eigendommen werd
‘ in 1910 voor 641/2 millioen nieuwe inschrijvingen genomen;
t neemt men aan, dat daartegenover staat afschrijving van be-
staande hypotheken tot 2/3 van het bedrag der nieuwe, zooals in
Q het algemeen het geval was,‘dan zou ·er een verhoogde last van
< ruim 20 millioen op den grond overblijven. Ook al bedraagt
. die nieuwe last de helft, zoo moet toch worden aangenomen,
. dat ook hier een beweging is waar te nemen in dezelfde richting
· als in Pruisen, waar de hypotheekschuld der landelijke grond-
4 bezitters in 22 jaar toenam met meer dan 4200 millioen gulden.
` ’Ook deze gegevens zijn intusschen niet voldoende, om voor
’ landbouw ·en veeteelt dezelfde ekonomische beweging aan te
? nemen als voor industrie en handel. Van meer belang is het,
den invloed van de industrie op de landelijke bedrijven
vast te stellen. En dan treft het ten eerste, dat een groot deel
· f van hetgeen vroeger zuiver landelijk bedrijf is geweest, thans
industrie is geworden. Men denke voor den landbouw aan de
ebeetwortelsuildenndustrie, die het produkt bewerkt en de boeren
_