HomeDe S.D.A.P., wat zij is en wat zij wilPagina 35

JPEG (Deze pagina), 1.03 MB

TIFF (Deze pagina), 7.07 MB

PDF (Volledig document), 70.71 MB

I I
l . 33 ’
Hier komt bij, dat de machine, die in de industrie
de produktie tot in het oneindige verrneerdert, in den landbouw j
slechts voor enkele soorten van arbeid en slechts nu en dan A 1
j voor korten tijd, kan gebruikt worden. In de fabriek werkt ;
, hij steeds door, vaak dag en nacht; maar stoomploeg en dorscrh- ’
l machine, zaai- en maaimachine, ze treden slechts korte oogen- ;
t blikken te voorschijn, .0m dan den langst·en tijd van het jaar l
in de schuur te roesten.
Een zeer groot bezwaar voor de rnachinie, als hulpmiddel van
Q_ dien arbeid op het veld, is ook: de beweegkracht. De stoomploeg 5
wordt bewogen door zware lokomotieven van 200 tot 44o Q
f c·ent·en.aar gewicht: alleen over harde, droge wegen kan hij
vervoerd en daardoor in vele streken absoluut niet gebruikt
_ worden; de electrische `kettingploeg vereischt, voor het vervoer
{ van kabels enz., drie wagens van 50 centenaar gewicht. Voor 3
" het besturen en ldrijven van deze en andere machines zijn arbeiders i
i noodig, bekwarner en beter bezoldigd dan de gewone land- l
arbeid·er. Dat zij arbeiders uitsparen, kan slechts van enkele 4
machines (als de dorschmachine) worden beweerd: de stoomplowg .
bijv., di·e dieper vorens ploegt, zal alleen dan grooter opbrengst
geven, wanneer er een rijkere bem·esting ·en drukker verpleging
van den grond plaats vindt.
Een groote hinderpaal voor het grootlandbouwbedrijf is: het
j gebrek .aan arbeidskr.acht·en op het platte land. De steden, de
industrie, het moderne verkeerswezen onttrekken de beste
arbeiders aan het landbouwbedrijf. Dientengevolge verminderde
’t aantal landarb=eiders in Duitschland van 1882 tot 1895 van
5.881.819 op 5.619.794; in Engeland van 1861 tot 18QIi van
1.163.227 op 798.912 en in Franktrijik van 1882 tot 1892 van
3.452.904 op 3.058.346. H
jï Diezelfde steden, die de arbeiders aan het grootlandbouwbedrijf
0nttrekk·en, bieden echter den kleinen boer steeds grooter markt
, voor zijne waren en werken daardoor het kleinboerenbedrijf in
F de hand, dat zijl intusschen een meer kapitalistisch karakter
geven. Ook verschilt h·et kleinboerenbedrijlf in dit opzicht van
het kleinhandwerk in de industrie, dat het de wetenschappelijke
methodes en de machines van den landbouw nog wel niet in
’ê ‘ dien omvang als het grootbedrijf, doch in toen·emende mate
gebruikt. De landbouwmachines toch zijn wegens hunne ver-
plaatsbaarheid geschikt, om gemeenschappelijk gebruikt en
pz verhuurd te worden: het is wel daaraan toe te schrijven, dat
in Duitschland in het jaar 1894/95 door bijna 79.000 bedrijven
. beneden 5hekt.are van de stoomdorschmachine gebruik werd
ir gemaakt.
Wij komen hier aan een belangrijk punt: de landbouwkoöpe-
W ratie. Koöperatie tot het aanschaffen en gebruiken van machines,