HomeDe S.D.A.P., wat zij is en wat zij wilPagina 12

JPEG (Deze pagina), 1.12 MB

TIFF (Deze pagina), 7.03 MB

PDF (Volledig document), 70.71 MB

10 ‘
`kleinbedrijf grootendeels vernietigd en ·de voor eigen rekening
j werkend·en in de groote takken van nüverheid gemaakt tot _ j
j proletariërs, die alleen konden leven door hun arbeidskracht i
j in loondienst te verkoopen aan de bezitters der fabrieken en i
der andere moderne bedrijfsmiddelen. Deze ekonomische ont­·
wikkeling verdroeg zich niet met de reaktie tegen de gevolgen
der Fransche revolutie, die na Napoleon’s val in Europa over-
~ heerschte en leidde tot nieuwe revoluties van de bourgeoisie en gp
in 1848 tot de vestiging van den liberalen staat, hetzij de ‘ .
burgerlijke republiek of de konstitutioneele monarchie (het doon l
een grondwet in zijne macht beperkte koningschap) in de meeste i
landen van Europa, óók in het onze. `
Het waren Karl Marx en Friedrich Engels, die midden in de .
krisis dezer burgerlijke revolutie, n.l. in 1847, de groote beteekenis i
daarvan schetsten voor de nieuwe klasse, met en door de opkomst
der bourgeoisie en van haar modern kapitalisme ontstaan, het
proletariaat. In hun ,,Kommunistisch Manifest" trokken zij i
de lijnen van den strijd der klassen door naar de toekomst en
toonden aan, dat na de burgerlijke revolutie, die in plaats van .
oude, overwonnen klassen een nieuwe ten troon had verheven,
i _ een proletarische revolutie moest komen, die de heerschappij; ·
der bourgeoisie zou breken, .het proletariaat de leiding van staat
en maatschappij in handen z­ou geven, maar tevens de scheiding
tusschen bourgeoisie en proletariaat zou opheffen, een einde zou
maken aan het bestaan der maatschappij uit verschillende tegen
elkaar strijdende klassen en het groote historische tijdperk van
j de opeenvolgende klass·enstrijden zou doen plaats maken voor .
l de klasselooze maatschappij, de werkelijke volks- en volkeren-
gemeenschap. En in zijn ,,Kapitaal" onderzocht Marx nader
de wetten, die in het kapitalisme het ekonomisch leven be­ ·
heerschen, met name de verhouding, waarin het kapitalist en _
· proletariër in het arbeidsproces tegenover elkander stelt en de y
tegenstellingen, die het schept en waaraan het op den duur te
gronde moet gaan. Het is op den grondslag dezer historische
en ekonomische onderzoekingen, dat alle soc.­dem. programs,
ook het Leidsche, zijn opgebouwd. g
1 Men kan dat program noemen: het program van twee
elkaar tegenstrevende krachten. De eene kracht is i
4 die van het door zijn eigen bewegingswetten gedneven kapitalisme; Z
i de andere die van rhet door het kapitalisme zelf gevormde, steeds j '
met armoed-e en ontaarding bedreigde, tot verzet genoodzaakte, .
2 in en door dat verzet tot zedelijke en politieke rijpheid opgevoerde
j en juist daardoor het kapitalisme overwinnende proletariaat. I
;I ‘
i DE KLASSEN. ­- Wat is het kenmerkend verschil tusschen de
i kleinburgerlijke maatschappij van het kleinhandwerk en de E
i I
. _ E
L l i