HomeDe regeling der gouvernements suiker-cultuur, beschouwd in verband met het daarover uitgebragte verslag door de drie overgeblevePagina 99

JPEG (Deze pagina), 708.75 KB

TIFF (Deze pagina), 7.12 MB

PDF (Volledig document), 91.76 MB

Y
g 95
itste l? bouw geweest ware, dan aan het Gouvernement uit den oogst.
{ van ltäöl , eene hoieveelheid van 30 pikols per bouw zou moeten
i de geleverd worden. Voor den fabrikant blijven dus vijftien pikols
16, i over ter vrije beschikking. Het behoeft geen betoog dat,naar-
Q mate de productie hooger wordt, de voordeelen stijgen;en dat
?dC indien wij deze te hoog gesteld hebben, de voordeelen van de
Wa, ondernemers hooger berekend worden dan ze werkelijk zijn.
WM Vrij algemeen wordt voor fabrikatie-kosten en plantloon de
som van f8 als een gemiddeld cijfer van raming aangenomen.
dan E Bij de bepaling der contraetsprijzen heeft men dan ook, met
iste het oog op de andere daarin vervatte voorwaarden, dezen prijs
als een gemiddelden maatststaf aangenomen. Hetgeen daaromtrent
dat gezegd wordt in de Memorie van toelichting tot de Algemeene
OOP grondslagen, heeft ook van de Commissie geene aanmerking
ing uitgelokt, en mag men dus aannemen, dat zij het omtrent dit
y punt met de Regering eens is.
inie E Mogten er zijn, die dezen prijs vanf 8 te hoog rekenen,
ten dan herinneren wij hun, dat daaronder begrepen zijn alle uit-
het gaven van fabricatie, bepakking, verzending, aflevering, ver-
eeft koop, brandassurantie; dat daarbij nog in aanmerking moeten
org komen de kosten van het gewone onderhoud der fabriek, de
ier- periodiek noodzakelijke aankoop van reserve­stukken;de geheele
of gedeeltelijke vermaling met stoom; de rente op het bedrijfs·
net kapitaal: zoodat wij gelooven dat zelfs bij eene productie van
ug, 45 pikols per bouw, de kostende prijs adfáä niet te hoog
gen geraamd is.
GH De grondslag der contracten is alzoo: dat het Gouvernement
ïgê twee derden geniet der voordeelen, die de suiker­industrie
afwerpt mits de fabrikant gemiddeld niet lager produeere dan
en. No. 16. "
iul- Nu behoort te worden aangetoond, dat het oversehietende
gen één derde gedeelte, te veel, te weinig, of juist genoeg is om
en. vooreersá rente van kapitaal en slijtagie van materieel te betalen,
dat en vervolgens aan de industrie eene billijke belooning te ver-
per schaffen. Er behoort te worden aangetoond, dat de aangenomen

ë
{