HomeDe regeling der gouvernements suiker-cultuur, beschouwd in verband met het daarover uitgebragte verslag door de drie overgeblevePagina 84

JPEG (Deze pagina), 773.55 KB

TIFF (Deze pagina), 7.14 MB

PDF (Volledig document), 91.76 MB

ii l
j en
E opgevoerd, en het Gouvernement zal of moeten besluiten, om
J ej bij een groot getal ondernemingen op Java van een gedeelte
j zijner winsten af te zien, of met inachtneming van plaatselijke
omstandigheden alle verdere verhooging van loon nadrukkelijk
li tegen te gaan. I
[ Cijfers, die wij later geven, zullen dit betoog staven. j
j Nog uit een ander oogpunt kunnen wij ons met de be- §
j., paling van het loon voor rietsnijders, in al. 1 van §18,niet I
vereenigen. Wij hadden namelijk gewenseht, dat de bevoegd-
heid tot de regeling van het loon voor die werkzaamheid, even
I l als van elken anderen arbeid, naar plaatselijke omstandigliedan
voor elke Residentie, aan het Indisch Gouvernement verbleven
ï ware. Het zijn toch juist de plaatselijke omstandigheden, die
4 j` bij de verschillende contraetszaken haar kraehtigen invloed doen ‘
i ` gevoelen, en die in het oog moeten worden gehouden.
Wij begrijpen niet volkomen den gang van redenering, voor-
komende in den aanvang der beoordeeling van § 18. Leest
. de minderheid [Mer de heeren van Twist en van Hoevell] uit
j de bepaling en de memorie van toelichting, of maakt zij er de
gevolgtrekkingen uit:
it i 10. dat de fabrikant zal rietsnijders htmzen vorclerevz, en
ij _ 20. dat deze hem niet mogen geweigerd worden?
_ Wij kunnen dit noch in de bepaling lezen, noch er zoo- ,
I i danige gevolgtrekking uit opmaken. Integendeel, wij lezen dui-
E j delijk dat de fabrikant slechts hulp kan irwoepen, en dat het
‘ bestuur die weigeren; kan, wanneer zij met de krachten der be-
i volking niet over een te brengen is. Dit geldt zoowel van riet-
` snijders als van andere arbeiders. Van rietsnijders echter, zoo
wel als van alle andere arbeiders, moet vooraf averzfuigencl zijn
{ geb/aken dat vrüwil/ig niet zie vevvtrgyyeu zyn.
t ‘i Wij zien hierin volstrekt geene vermeerdering van den ver-
j jr pligten dwangarbeid bij de suikerkultuur. Het kan toch hen, die i
het beweren, voorzeker niet onbekend wezen, dat hetgeen nu I
in § 18 (al. 1) is voorgeschreven, steeds áeqfzf plaats gehad en i
nog dagelijks plaats grijpt. De bepaling schrijft dus geene l