HomeDe regeling der gouvernements suiker-cultuur, beschouwd in verband met het daarover uitgebragte verslag door de drie overgeblevePagina 32

JPEG (Deze pagina), 727.47 KB

TIFF (Deze pagina), 7.05 MB

PDF (Volledig document), 91.76 MB

l
28
Hoëvell in de zitting van den 26Sfm November jl. en het nu
door hem uitvebravte gevoelen als lid der meerderheid van
0 c b >
de Commissie.
Wij wenschen ons, zooveel mogelijk, van aanvallen, vooral
van bittere te onthouden. Niet gaarne vervielen wij in een euvel,
waarvan wij vermeenen dat enkele leden der Commissie niet
zijn vrij te pleiten; maar wij kunnen hier geen ander oordeel
uitspreken, dan dat, naar het ons toesohijnt, het bedoelde lid J
. der Commissie, bij zijne beoordeeling van § S, zich niet heeft
laten leiden door innige overtuiging, niet heeft geoordeeld in
gemoede na eene bedaarde en naauwgezette overweging, die bij
de beoordeeling van zaken van zoo groot algemeen belang zoo
dringend noodig is; maar dat de stem der partijzucht zich
maar al te sterk heeft doen hooren bij het oordeel, dat hij, j
eheel in stri`d met vroeger euite evoelens als lid der meer-
J :> g g > A
derheid van de Commissie heeft uitgebragt. 1) _
Vllij stellen aan de overgebleven leden der Commissie, de L
vraag, die eens de heer van Hoëvell deed:
Wal wil mere eigerzlgk, vermimlerirzg van ele saikeryoroaluclie
0p Java?
"""‘-”" 3
') De meerderheid [en daaronder de heer van Hoëvell] wij moeten het nog
eens herinneren, noemt het beginsel, in den aanhef van deze§ uitgedrukt ,,heil-
zaam." Maar zij voegt er dadelijk bij, dat ,,men dat geheele heilzame beginsel g
weder 0mverwerpt," omdat de § toestaat, onder bepaalde reserves, van het
maximum van 400 bouws af te wg/cerz. Voor die afwijking, onder de gestelde
waarborgen, had men, gelijk wij hierboven zagen, mogen rekenen op de onder- j
steuning en den bijval van den heer van Hoëvell, die immers niet alléén vóór A
de regeling zeide, maar nu nog na het rapport herhaalt: [Zie Tijdschrift, van
, November 1860, bl. 341], na te hebben betoogd, dat contracten van 500 bouws
en meer voomnrrrarrak wmurrizn ren eenoizen van ALLE rnnrramr ,,Daar die .
leperhng tot 400 beam Zcrimpi men dus zonnen nemen ivoonzaair de .sz4iker­kaZ­
fam ir»." ­­· Wij durven gerustelijk aan het oordeel van onpartijdigen de vraag I
te onderwerpen: wat gedacht moet worden van de uitspraak in het Verslag met
deze verklaring vóór en na dat Verslag, eerst den Minister als wen/c bg de
regeling, en daarna als verwyf gegeven?
l e mn-