HomeDe regeling der gouvernements suiker-cultuur, beschouwd in verband met het daarover uitgebragte verslag door de drie overgeblevePagina 14

JPEG (Deze pagina), 764.41 KB

TIFF (Deze pagina), 6.93 MB

PDF (Volledig document), 91.76 MB

F
]0
anders blijkt te zijn, van al die voarzigligbeid, van al dat beleid,
van al dat onlzien van eenmaal gevestigde belangen waarmede
men den gewenschten weg zou behandelen?
Kon men, bij dergelijke omstandigheden, eene vergelijking
maken tusschen de voordeelen voor de betrokken inlanders van
de zoogenaamden vrije- en die der Gouvernementskultuur, gewis
p zou zij ten voordeele van de laatstgenoemde pleiten. Y
j Maar aangenomen eens, dat dáár, waar de zaak eerlijk be- X
handeld wordt, de f2()0 wen-telälc den planter geworden voor
à een bouw suikerriet, die gemiddeld nog aanmerklijk minder
` opbrengt dan een bouw Gouvernementsaanplant: wat zal bij
eene meerdere ontwikkeling van die soort van arbeid het nood-
zakelijke gevolg moeten zijn? Geen ander, dan dat de Staat,
die nu niet in de directe voordeelen dier vrije kultuur deelt,
zijn regtmatig aandeel zal verlangen: een aandeel, dat de Staat
te meer zal vnoelen vragen, naar mate dan ook de gedwongen
kultuur in omvang zou afnemen.
Zal nu dit aandeel in natura, of onder welken vorm van be-
l lasting ook geheven, gelijk wezen aan dat, hetwelk de veiyaligle
suiker­kultuur den Staat oplevert: dan zullen de contractanten
niet langer een zoo hoog plantloon kunnen betalen, waarbij '
nog te voorzien is, dat de fabrikaat­kosten in evenredigheid zullen
stijgen. De enorme hoogte van het plantloon vindt juist haar
grond daarin, dat de ondernemer aan den Staat niels heeft te
betalen. Wil men dus aan de bevolking hetzelfde plantloon
blijven verzekeren -- altijd in de onderstelling, dat zij het
wei·lcelqb`/c ontvangt, des neen! -· dan schiet er niets anders
over, dan dat de Staat zich met een minder aandeel zal moeten
te vreden stellen; of het onvermijdelijke gevolg zal wezen de
veanieliging dez indnalzie, die zich op dergelijke, de kiemen
van eigenbederf in zich bevattende, gronden ontwikkeld heeft. l
Den bestrijders van het kultuurstelsel bevelen wij dan ook i
aan de grondige beantwoording der vraag:
Kan en zal de Slaat eicb niet een minder aandeel vergenoegen?
Bij de erkenning, hoe wensohelijk een toestand ware, waarvan