HomeDe regeling der gouvernements suiker-cultuur, beschouwd in verband met het daarover uitgebragte verslag door de drie overgeblevePagina 112

JPEG (Deze pagina), 804.57 KB

TIFF (Deze pagina), 7.11 MB

PDF (Volledig document), 91.76 MB

t'
fix t
I 108 X;
t moeten niet worden geduld, welke vertraging ook daarvan ”
j in de uitbreiding der cultures het gevolg mogt zijn. Beter geene
‘_ i produkten, dan die met krenking der pligten, die wij aan de
{ bevolking verschuldigd zijn, verkregen worden.
Zij hebben nog gewezen op de veranderingen en de verhou·
jj, ding der pachters bij eene uitbesteding, tegenover ambtenaren
en inlandsche hoofden, en daarom de uitbesteding onstaat-
ijjj kundig genoemd.
jj Ook wij wijzen nog eenmaal op deze beide omstandigheden.
jj j De overgebleven leden der Commissie keuren de bepaling
ij j af, dat de hulp van het gewestelijk bestuur kan worden in- »
` geroepen, wanneer voldoende blijkt, dat geen genoegzaam getal
vrijwillige arbeiders te verkrijgen zijn.
4 Dat men die bepaling heeft moeten maken, bewijst alweêr j
l het ontijdige der uitbesteding. Laat men haar weg, en bestaat G
> de zekerheid dat de hulp van het bestuur niet zal worden ver- j _
jj? leend, al blijkt het dat men geene vrijwillige arbeiders voor den
j opbouw kan erlangen, en dat men niet later van dit be- F
[ ginsel zal afwijken en gunsten bewijzen, dan zal men zien, Qi
j jl wie zich aan de uitbesteding zullen wagen, op welke voor-
ik r waarden men pachter zal willen worden, en of de uitbesteding
H dan aan den Staat voordeelen zal geven!
jj De opmerking, dat in de oude contracten geen voorschrift i
nl i voorkomt betrekkelijk de levering van arbeiders tot den aan-
bouw benoodigd, vindt misschien hare oplossing in de omstan-
W l digheid, dat de fabrieken, daarbij behoorende, beschouwd worden, Q=
_, { · i al reeds aangebouwd te zijn. `
ji _ Wij wenschten wel eens te weten, welke ondervinding reeds
3 voldoende heeft bewezen, dat de vrije suiker­industrie, althans
in verschillende gedeelten van Java, allezins bestaanbaar is, en
il,. I zelfs voor de ondernemers, zoowel als voor de bevolking, zóó
ii aanzienlijke voordeelen afwerpt, dat zonder bezwaar een deel
daarvan, onder welken vorm dan ook, aan het Gouvernement
, kan worden afgestaan?
Zal dat deel, met het oog op het plantloon, door de con-
ix;
êï
ii