HomeZomergroenPagina 85

JPEG (Deze pagina), 521.66 KB

TIFF (Deze pagina), 6.20 MB

PDF (Volledig document), 41.88 MB

77
Haar giftige adem teelt een koorts,
Haar regterhand voert dolk en toorts,
Haar linker biedt u zwümeltogeng
. De plondervlam schenkt haar genot,
Zij viert haar hoogtüd op ’t schavot;
Zü is een dochter van den logen.
eä Zij rukt de paarlen uit de kroon,
Ze ontwricht de steunsels van den troon,
En spuwt op °t purper zwarte dropplen:
Zn noodt de hel tot raad en hulp,
Zh voert de ellende in hof en stulp,
Een rüken oogst herschept ze in stopplen,
De naam waarmede ze u bedriegt, I
Hoe schoon van klank, misleidt en liegt,
En strekt tot momtuig van de boosheid: I
Hoe los en wulpsch haar tooi ook zg ,
Ze is moeder van de slavernü,
Geen VRIJHEID, maar slechts bandeloosheid, i
De vrüheid, zonder vlek of smet,
Ontleent haar schoonheid aan de wet,
Ze is als de bron van licht, van leven; `
Die, wentlend om haar eigen spil, je
Blüft onderworpen aan den wil, ï
Die haar die baan heeft voorgeschreven. V.