HomeZomergroenPagina 19

JPEG (Deze pagina), 524.83 KB

TIFF (Deze pagina), 6.19 MB

PDF (Volledig document), 41.88 MB

ll
Van ’t levenkweekend lentelicht,
Zich spieglen in haar schoon gezigt.
Die jaren, zoo veel effen stroomen,
Wier heldre vlakte kabb°lend vliet ,
Die bloemen kweekten aan hun zoomen,
Vervloten naar een schoon verschiet.
l De deugd hield al die schoonheid veilig
‘*· En waar de wereld schatting vroeg
Vertoonde zg zich als de Heilig`,
; Wier deugd ze aanbad, wier naam zij droog,
j Zoo plantte en kweekte en zoo volmaakte
i Zij de ouderlijke zaligheên,
Wier liefde voor dien Engel waakte,
n Wier duurzaamheid onschendbaar scheen,
Ach, waarom hebben menschenvonden
Dat heerlük uitzigt wreed verwoest,
Ach, waarom werd door haar geschonden
`Wat zich volmaakt ontwikk”len moest!
Ach, waarom vond die reine prikk’ling,
_ Die God in ieders borst besloot,
` Een wederstand in haar ontwikk°ling,
c Die, worst’lend, uitloopt op den dood!
Nog zweefde al die bekoorbre weelde,
Die ”t jeugdig hart in alles streelde,
Maar die, in ’t vol besef van pligt
Zich in een rozenkleurig licht