HomeBrieven van een' jurist aan een' bureaucraat over regterlijke organisatiePagina 49

JPEG (Deze pagina), 749.52 KB

TIFF (Deze pagina), 6.55 MB

PDF (Volledig document), 46.39 MB

? M
i' 40
heerlüke vierscharen tot de hoogste regtsmagt in elke pro- ­
5 vincie te kunnen appelleren. Maar, zoo als het toen plagt
te gaan; onze vaderen , büzonder gehecht aan het persoon- ‘
j lük gezag der plaatselijke regenten, lieten daarop zóóvele
‘ j` uitzonderingen toe, dat deze den regel bijna verdrongen.
lp In Holland maakte men zelfs in 1719 het hoogwi_jze plak-
kaat, >> dat dieven, lrmdloopers, enz. niet zouden mogen
»appelleren aan den Ilove van Holland.”
E Daarbg werd deze kleinigheid vergeten, dat de grond
F van appel juist deze kon wezen , dat iemand beweerde geen jc
j dief te zijn, en hierin disseutieerde met zijn’ regter. Uit
l den tegenzin der schepenen en vierscharen tegen appellen t
van hunne vonnissen, ontstond hunne onverzettelijke voor-
liefde voor de pijnbank; anders moeijelijk te verklaren l
t bg een zachtaardig volk als het onze; zg hadden dat
j middeltje noodig om bekentenis te verkrügen , en dan gold
het: cowfessus non appellat. Maar het appel was toch de
? regel, en zoo dikwüls de Justitie de vriendelükheid had
j een° aangeklaagde in het zoogenoemde ordinair proces (veel l
' , zeldzamer dan het extraordinaire) toe te laten, werd ook
ip! geen zwarigheid omtrent het appel gemaakt. In die pro-
vinciën, waar het Hof, door de Staten benoemd, zelf de {
· zware strafzaken evoceerde, was natuurlijk geen appel, jj
, zoo als in Gelderland en Friesland; het noodwendige gevolg `
, van de provinciale souvereiniteit. l A
; Toen wij de Bataafsche eenheid en ondeelbaarheid kre-
· ,· gen, werd het tot de eischen des tijds gerekend, de pijn-
Y bank af te schallen en in strafzaken appel te verleenen.
Het eerste werd doorgezet, hoewel het veel moeite kostte
_ (er leven nog vroome en vaderlijke regenten van dien tüd ,
die er hard tegen geprotesteerd hebben); het tweede vindt
gij in de instruetiën van 1798 en 1799 geschreven, en
ging ook. van tijd tot tüd in de practijk over; schoon men
toen ook al de kunst verstond, den regel onder uitzonde-
ringen te begraven, en hoog op te geven van verkregene
tw- -- , al g _ . g ->"