HomeBrieven van een' jurist aan een' bureaucraat over regterlijke organisatiePagina 41

JPEG (Deze pagina), 729.88 KB

TIFF (Deze pagina), 6.57 MB

PDF (Volledig document), 46.39 MB

ll l

az
de bepaling willen behouden, dat over vorderingen van §
f 75 tot f3OO en omtrent bezitregt honger beroep op de
J 1 regtbanken wordt toegelaten; maar met vrijheid aan iedere
*‘ partü om ook zonder prorogatie de zaak dadelijk voor de
tè `
, regtbank te brengen; (lr) van alle grootere onderwerpen
i vvaarover de regtbanken in eersten aanleg vonnissen, zoude
` ik hooger beroep op het llol, of wat daarvoor in de plaats i
mag komen, toelaten. ­
Het ruimst mogelüke hooger beroep, met rnagt op den §
_; hoogeren regter verstrekt om volledig de geheele zaak in
E? nieuwe behandeling te nemen , is dns, alles wel beschouwd,
jt het meest in het ware belang der justitiabelen. W
ä · En nu de ca.s‘saZr`e? Zoo als ik U reeds vroeger op- {
ä merkte, is cassatie minder ten gerieve der proeesvoerende E
= partgen uitgevonden, dan in het algemeen belang, tot
behoud en stipte handhaving der eene, gesehrevene wet- i
l evinv. Gi` weet dat toen na de Fransche omwenteling
.§ U ’ ’ <J>
voor het eerst algemeene en geheel nieuwe wetten in wer-
‘ 1
i ‘ king moesten worden gebragt, en de eenheid van bur-
.r .. .
g » gerlgke- en straiwetten tot beginsel aangenomen was, het
I Hof van cassatie volstrekt noodig werd creoordeeld om de
o u > I
g ` plaatselüke en provinciale rcgters tot gelïoorzaainlxeid aan de
wet terug te roepen. Zonder dit, zouden er, door de na-
tuurlijke geheehtheid aan onde gewoonten, regten en gebrui-
ken,nog een groot aantal jaren verloopen zgn, eer Frank- .
rijk in ’t genot van eenheid en zekerheid van regt ware
(1) Aan beide partijen? Yi/'el zeker, want het ware onbillijk deze gunst
alleen aan den eiseher te geven. In de uitvoering heeft het niet de
minste zwarigheidé de eiseher dagvaardt of voor den Kantonregter of
voor de Regtbank, ad libitttm.; de gedaagde voor den Kantonregter
gedagvaard in eene zaak, waarvan hooger beroep kan vallen, roept den
eiseher bij een eenvoudige acte ten gekozen domicilie en van dag tot
· dag op om hem dadelijk voor de regthank te volgen. Dit heeft veel
minder bezwaar, dan hetgeen thans Art, 33 en, in ’t gewijzigde ontwerp,
Art. 43 lid 3 medebrengt, dat de gedaagde voor den Kantonregter ge- tl
r eompareerd zijnde, dezen door zijne verwering onbevoegd kan maken
J om over den eisch te oordeelen.
n
l l
i
l l
l