HomeBrieven van een' jurist aan een' bureaucraat over regterlijke organisatiePagina 28

JPEG (Deze pagina), 726.99 KB

TIFF (Deze pagina), 6.57 MB

PDF (Volledig document), 46.39 MB

19 l
goede en gelijkvormige uitlegging van die tex scrzpta
(voor zoo ver deze gelijkvormigheid menschelijk mogelijk
is) over het geheele rük, om die reden, eene zaak is
va.n algemeen belang. De afwijking of verkeerde toe-
passing van die lex .s‘0M).»trt moet dus in het algemeen
belang gekeerd worden; hetzij partijen, wier bijzonder
belang daardoor tevens gekrenkt is, het oordeel van het
opperste Geregtshof daarover inroepen, hetzü de eenige,
daartoe geschikte magistraat (het publiek ministerie) dit
doet in ’t belang der wet, in welk geval billijkerwijze de ,
formeel door ’t beklaagde vonnis bekraehtigde, regten van
partijen moeten blijven bestaan. -- Is daarentegen de be-
slissing van den gewonen regter onregtvaardig, door ver-
keerd inzigt in de wettelük bewezene , maar op verschillende
wijzen op te vatten feiten, of in den dubbelzinnig uitge-
drukten wil van partijen bij °t aangaan van ’t contrat ju-
diciatre, of door miskenning van algemeene begrippen van
ongeschreven regt (b. v. waar men zieh op natunrregt en
internationaal regt buiten traetaten beroept), of door ver-
keerde toepassing van de wetgeving van een ander volk;
dan wordt er, in den geest van ons staatsregt, sleehts een
bijzonder belang gekwetst, en komt het grondwettige op-
pertoezigt van den Hoogen Raad niet te pas. Er is slechts
een met _y`ztge’, zeggen wij practici. In enkele gevallen is
de grens moeijelük te vinden tusschen regtschennis en wet-
schennis. Maar bestaat; en de Grondwet, waar het hier
op aankomt, wil haar behouden. Zü bestaat dan ook overal v
waar het beginsel van codiäcatie in het staatsregt is opgeno-
men , en ook al in navolging der eerste Fransche constitutie,
in gevolg heeft medegebragt een Hof eem cassatie. l
Ziedaar dus de eigenlijke roeping van den lloogen Raad.
Van elk vonnis en van elke geregtelijke acte (natuurlijk
tegen welke geen ander regtsmiddel openstaat) moet de cas-
satie bij den II. R. kunnen worden gevraagd. Daarom
is ook Art. 99 lid 2 van de tegenwoordige Wet op de j
2 " j
l
j l