HomeBrieven van een' jurist aan een' bureaucraat over regterlijke organisatiePagina 14

JPEG (Deze pagina), 717.83 KB

TIFF (Deze pagina), 6.52 MB

PDF (Volledig document), 46.39 MB

- 1
t

7
die van eene even naauwgezette en opregte tegenovergestelde
meening. Naar m·rz`è1·e­pe2zsees zullen wij niet zoeken. -­
De Commissie vindt dan bezwaar tegen de aanneming
van het wetsontwerp van 19 Februarij 1851 en dus ook
tegen die van het gewijzigde ontwerp (want op geen der
punten heeft de Regering haar toegegeven) om vgl punten:
1" onvolledigheid, omdat de zetels , het territoir en het
personeel van de Hoven van appel, de regtbanken en kan-
tongeregten niet zijn aangewezen.
» 2° het bestaan van meerdere Hoven van appel.
3° het toelaten van appel in zware strafzaken.
4° de vaste ambtenaren van het openbaar ministerie bij
de kantongeregten.
5° de referendarissen.
Natuurlük dat daarop het meest de aandacht valt en
over die punten de meeste discussie te voorzien is. Er
zün evenwel buitendien gewigtige zaken genoeg in bet ont-
werp, waarover de commissie niets zegt; maar de enkele
Hoven en regtbanken (hoe sehandelgk weinige!) en amb-
tenaren van °t openbaar ministerie, die aanmerkingen heb-
ben gemaakt, des te meer; zooals de aanmerkelgke uitbrei-
ding van de regtsmagt der kantonregters en der regtban-
ken in het hoogste ressort, de verandering omtrent de
j possessoire aetien, zaken van huur en verhuur, de civiele
j partij enz., dingen die voor den burgerman dikwijls veel
i meer levens­questiën zijn, dan de groote vraag naar het
j getal Hoven van appel. ·
j Heeft dan misschien de Commissie alleen zulke onder-
jj werpen behandeld, waarmede liet ontwerp staat ol` valt?
Uit n° 4 en 5 zoude ik meenen van neen; de kantonnale
i kommissarissen konden minder te doen krijgen, en de reke-
j rendarissen naar huis gaan, zonder dat daarom de oeeo-
nomie van het geheel gestoord werd.
Q Over n°. 1 zult gij mij wel vergunnen wat losser heen te
loopen dan de Commissie en de Regering zelve doen. Wat ·"
l
l
A
I
l
tl
` I
4