HomeDecentralisatiepolitiek in Ned.-IndiëPagina 39

JPEG (Deze pagina), 760.24 KB

TIFF (Deze pagina), 7.63 MB

PDF (Volledig document), 36.06 MB

37
noopt om te waken tegen achterstelling en verwaarloozing
i van de belangen der inheemsche bevolking.
l Nu zij het verre van mij luchthartig te glijden over
‘ wat het welzijn van het inlandsche element in den weg
_ kan staan, maar het komt mij toch voor dat, behoudens
yr een eeresaluut aan elk oordeelkundig medegevoel, op dit
stuk niet de juiste snaar werd aangeroerd. Als men bezig is
V een gemeenschap in elkaar te zetten van Europeesche
4 en niet-Europeesche bevolking ten gelijke bate van ieder
## van haar, om beider vereende kracht en wil en dus ook
het intellect van den javaan dienstbaar te maken aan
het gezamenlijk belang, dan is het toch vrij dwaas om
ii de deelgenoten à priori tegen elkaar in bescherming te
nemen. i
_ Men acht den inlander der voogdij ontwassen en men
begint met hem onder curateele te plaatsen! En wat is
het criterium voor die achterstelling, met welken maatstaf
zal men meten? Er is geen bezwaar om b.v. den javaan
r den Atjeh­oorlog te doen betalen maar het raadsbesluit
l om een brug over een kali te slaan, waar de dessaman
met even veel genoegen blootsvoets doorheen waadt,
houdt niet de gewenschte rekening met zijn behoeften;
in soortgelijke ongerijmdheden zal men te land komen,
En op de keper beschouwd: er wordt in het groot
zoo ontzaglijk weinig gedaan en zoo ontzaglijk veel
nagelaten voor ,,de belangen der inlandsche bevolking",
_;_ dat het nog al den schijn vertoont van magere ethiek
en wel wat heel veel riekt naar ,,principiënreiterei", om
in het minutieuse en aan het adres van anderen met
onsierlijke zelfvoldoening zoo altijddurend op het aam-
beeld hunner ,,behartiging" te slaan.
In een kleine corporatie zullen groepenbelangen, ook
t
l