HomeBedenkingen tegen de nieuwe regterlijke verdeeling van de provincie Friesland, voorgesteld bij het ontwerp van wet, regelende hePagina 10

JPEG (Deze pagina), 682.07 KB

TIFF (Deze pagina), 6.25 MB

PDF (Volledig document), 10.73 MB

8
De Memorie toch zegt bladz. 2, dat onder de redenen,
welke de Regering hebben bewogen, het regtsgebied der
verschillende Arrondissementen niet te uitgestrekt te
maken en alzoo een zeer beperkt getal Regtbanken af
te schaffen, ook deze is: de ongelegenheid, die uit te
ruime uitgestrektheid van regtsgebied zou worden geboren,
zoowel voor den regterlqken ambtenaar, als voor hen, die j
zich verpligt zien voor den regter te verschijnen. Dit is
eene algemeene beschouwing, doch daar, waar zij, op
bladz. 15 der Memorie, de opheffing der Ptegtbank te `
i Sneek meer in het bijzonder behandelt, zegt zij: dat
er zich geene bezwaren tegen de op/ze/jing dier Regtbank ‘
hebben doen kennen, tenzij men als zoodanig wil be- »
schouwen die, welke--als gelegen in het plaatselijk j
belang en in het minder gerief voor sommige gemeenten,
die daardoor verder van hare arrondissementshoofdplaals ·
worden verwijderd-aan elke ophe/jing van eenigenre_gts­
zetel zijn verbonden. Vat de Regering dus eerst als g
eene der hoofdredenen aangeeft, waarom zij zoo wei-
nig mogelük Begtbanken wenscht af te sehalfen, wordt i
later als een bezwaar van weinig aanbelang gerekend ‘
daar, waar zij voorstelt eene bepaalde Regtbank op te ;
heffen. Deze inconsequentie is onverklaarbaar. i.
Maar kan de Regering in ernst meenen, dat door
de opheffing der Regtbank te Sneek de bezwaren,
welke zij zelve op bladz. 2 harer Memorie opneemt,
niet zouden ontstaan? Het is toch, zelfs bij eene niet
dan oppervlakkige kennis der provincie Friesland dui-
delük, dat door het opheffen der Regtbank te Sneek
en het daaruit voortvloeijende indeelen van het vrij