HomeDe vivisectie en de kerkPagina 7

JPEG (Deze pagina), 746.21 KB

TIFF (Deze pagina), 6.55 MB

PDF (Volledig document), 10.49 MB

5
blijdschap vinde in ’t leven. Toen God nu den mensch schiep
en tot hem zeide: ,,heerseh over al het gedierte des velds,”
heeft Hij zeker niet daarmede bedoeld, dat de menschen het
arme dier door allerlei kwellingen tot hun egoïstische doeleinden
zouden gebruiken!
Daartegen hebben wij het dier in bescherming te nemen, te
meer daar het zich zelf niet kan verdedigen. Het zal wel
niet noodig zijn op dit Congres over de gruwelen der Vivi-
seetie veel te zeggen, noch over de instrumenten en werktuigen,
j waarvan de Heeren vivisectoren zich in hun laboratoria be-
i dienen. Het zou bij niemand opkomen zijn eigen lievelings-
{ hond of eigen paard voor vivisectonistische proeven te gebruiken.
i Men volgt liever het voorbeeld van den rijken man uit
° NATHAN,S gelijkenis: men schreomt te nemen van zijn eigen
schapen en runderen en neemt het dier van den armen man.
Wel zijn er echter gevallen, dat de vivisector het dier heeft
lief gekregen, toen hij het geduld en de aanhankelijkheid zag,
die het onder de vele kwellingen zün beul bewees.
Ik vermoed dan dat de meeste vivisectoren stadsmenschen
zgn, die tegenover het leven der dieren en de taal der bloemen
niet zoo naief staan als de kinderen der zonnige weiden. PAULUS
kon vragen, of God soms voor de ossen zorgde. kwam
uit Tarsen. Onze Heiland echter, die van der jeugd af aan
door de velden van Galilea heeft gewandeld, spreekt anders!
Hij Weet, dat geen muschje ter aarde valt zonder den wil des
hemelschen Vaders. Hoe natuurlijker de mensch is en hoe
meer hij zich weet los te maken uit de banden van een geraf-
. fineerde beschaving, des te meer zal hij ’t leven der dieren
i leeren begrijpen, het lijden der dieren mede lijden, de vreugden
j der dieren mee ondervinden en des te meer zal hij ’t als zijn
heiligen plicht beschouwen het geluk der dieren te bevorderen.
O
H. Maar niet alleen het dier, ook ons eigen zedelük be-
wustzijn hebben wij tegenover de Vivisectie in bescherming te
nemen. lk kan mij geen student denken, die niet iets in zijn
binnenste heeft te overwinnen, vóórdat hij _voor ’t eerst in de
ontleedkamer het mes zet in ’t trillende vleesch van een gezond
dier! Ons zedelijk gevoel verzet zich tegen de gedachte een