HomeDe mensch en de oorlogPagina 32

JPEG (Deze pagina), 609.84 KB

TIFF (Deze pagina), 5.73 MB

PDF (Volledig document), 30.62 MB

W2! J
22 MET WELKE GROEPEN KUNNEN
Zoolang men dit in het oog houdt is er niets
tegen van gonden armbanden of van Linné’sche
soorten te spreken, maar als men vergeet, dat het
goud wel in overwegende hoeveelheid, maar niet
W ' uitsluitend in de armband aanwezig is, of dat be-
paalde eigenschappen wel in overwegende mate,
maar niet uitsluitend binnen de Linné’sche soort
aanwezig zijn, komt men bedrogen uit, gaat zijn
armband voor een zuiver gouden, zijn Linneon
voor eene zuivere soort houden en beschouwt dus
beide als eenheden, terwijl beide inderdaad com-
_ plexen zijn.
E Dan bedriegt men zichzelf en kent aan zijn
i armband, zoowel als aan zijn Linneon, eene waarde
toe, die zij niet bezitten. Van dit zelfbedrog is
l Mitchell het slachtoffer geworden toen hij de Lin-
; né’sche soorten als eenheden ging opvatten!
j Maar wat zijn Linné’sche soorten dan wel?
2 Zijn zij bloote abstracties van onzen geest, die
l in werkelijkheid niet bestaan of bestaan zij in de
. J natuur wèl?
i M.i. bestaan zij wèl in de natuur, of misschien
juister, bestaat een gedeelte van hen wèl in de na-
tuur, maar niet als eenheden, maar als groepen van
j ,
l
»,
P l
l