HomeGoddelijke paedagogiePagina 42

JPEG (Deze pagina), 724.15 KB

TIFF (Deze pagina), 5.78 MB

PDF (Volledig document), 29.18 MB

` 1
38 p
. groszeq Störung: die hij niet gaaf in het geheel van
zijn ideën kan opnemen. .
i Toch wil ik daarmede in geenen deele gezegd heb-
ben, dat ik Schweitzer’s rationaliseerende ethiek vol-
doende acht, ook al bewonder ik zijn streven, even-
min, dat ik hetgeen Barth te berde bracht niet de
moeite waard vind om er ernstig kennis van te ne-
men en er rekening mee te houden. Maar ik wil geen
oogenblik verhelen, dat ik, van beiden leerende, liefst
blijf staan op het beproefde uitgangspunt van de Gro- `
ninger school, die Gods wil, zooals deze in Christus
geopenbaard is, steeds weer als norm van zedelijk
zijn en zedelijk handelen poneerde. Zou het beginsel
der ethiek en vooral ook het enthousiasme, dat tot
zedelijk handelen onmisbaar is, er niet bij winnen,
als men tegenover Barth’s begrip van den deus abs-`
conditus weer sterker nadruk ging leggen op de ze-
delijke motieven en quietieven die ons in Jezus Chris-
_ tus zijn geopenbaard, waardoor, bij alles wat ons in
bijzonderheden onduidelijk blijft, de groote bedoe-
lingen Gods, de lijnen die alles beheerschen, het ein-
delijke `doel waarheen alles tendeert, zoo klaar is
blootgelegd, dat de Schrift kan zeggen: Gij kent
Zijnen wil n.l. uwe heiligmaking. Het is mogelijk in
theorie allerlei kwesties op te werpen, waarin eene
beslissing moeilijk zal vallen, maar in de practijk p
blijkt de oplossing veel minder gecompliceerd, dan i
men op grond van de theorie zou vermoeden. Het is
waar: soms kennen wij Gods wil niet, in bepaalde ge-
vallen weten wij niet, wat ons te doen staat... maar
meestal kennen wij Gods wil wel en behoeven wij
geen oogenblik te aarzelen over wat onze plicht is
' ‘_ - , e--