HomeGoddelijke paedagogiePagina 39

JPEG (Deze pagina), 666.67 KB

TIFF (Deze pagina), 5.77 MB

PDF (Volledig document), 29.18 MB

37 i
verloren ga. Toch mag de enkeling zich in zijn ethi­
Q sche plichten nooit onder de voogdij der gen1een·
T schap stellen. Sie ist ein unzuverlässiges und dazu
j noch blindes Pferd. Wlehe dem Kutscher, wenn er
einschläft. Natuurlijk heeft de gemeenschap wel be- ‘
, teekenis, groote beteekenis zelfs, in zooverre zij de f
elementaire ethische begrippen sanctioneert en van [
geslacht op geslacht overlevert, maar zij is ook een
ä rem van allen waarachtigen zedelijken vooruitgang,
als zij zich rechten aanmatigt, die slechts aan de ethi­
sche persoonlijkheid toekomt. In een van zijn merk- g;
waardig treffende beelden zegt Schweitzer: Die
von der Gesellschaft in Umlauf gesetzten Begriffe von
‘ Gut und Bose sind Papiergeld, dessen Wert nicht
W nach den aufgedruckten Ziffern, sondern nach sei-
nem Verhältniss zum Goldkurs der Ethik der
Ehrfurcht vor dem Leben zu bemessen ist. Danach
aber ergibt sich sein Kurs als der der Papierscheine
eines halb bankerotten Staates. (K. 221-260). De »,
algemeene ethiek, de ethiek der publieke opinie be-
hoeft dus telkens en gedurig de revisie van het per-
. soonlijk oordeel. '
Het is evident hoeveel gemakkelijker en meer on-
gedwongen zich uit Schweitzers praemissen een _ ’»"
ethiek laat afleiden, dan uit de grondstellingen van
‘ Barth. Men vergelijke maar eens het klare, geenszins
T onzekere geluid, dat Schweitzer laat hooren in de
, question brülante van oorlog en christendom, met de
E bedenkelijk zwevende klanken van Barth, als hij zich
‘ hierover uit. Terwijl de ethische consequenties bij Qf
Schweitzer ongetwijfeld de practische bruikbaarheid L
i van zijn systeem bewijzen, blijven zij bij Barth die