HomeGoddelijke paedagogiePagina 35

JPEG (Deze pagina), 620.29 KB

TIFF (Deze pagina), 5.78 MB

PDF (Volledig document), 29.18 MB

I
l
33
i dedigt zich met de opmerking, dat dit misbruik te-
; gen niemand anders pleit, dan tegen hem, die er zich
aan schuldig maakt. Maar daarmede valt het be-
zwaar voor mijn besef niet weg, want het scepticisme
tl heeft op zedelijk terrein nog nooit anders dan verlam-
_ Q mend gewerkt. Als Gods gebod zoo onzeker is, dat
ieder er het zijne van kan maken, wat zal 111611 dan
l zeggen tegen hen, die op hun beurt er niets van ma-
ken en hun eigen wil of wensch volgen? 'Wij begee-
ren niet in Roomschen trant een index van goede
werken naast een lijst van zonden, en verliezen het
4 persoonlijk element niet uit het oog, dat het hart
· - aan het werk zijn waarde geeft, maar mogen toch ook
i niet vergeten, dat Jezus zich ten deze veel positiever
heeft uitgesproken in de woorden: Zoo iemand wil
mijns Vaders wil doen, die zal van deze mijne leer V
bekennen dat zij uit God is. Moge er theoretisch nog
zoo moeilijk zekerheid te verkrijgen zijn omtrent `
i Gods wil, practisch is het in den regel voor ieder wel
g duidelijk en wie zich houd·t aan die ,,geopenbaarde g
dingen, die naar het woord van Deuteromonium,
voor ons en onze kinderen zijn om die te cl0e¢z," hij
A zal de verborgen dingen rustig aan God kunnen E
Q overlaten, in de overtuiging ook daaromtrent te zij-
I ner tijd het rechte inzicht te zullen ontvangen. Q
g Terwijl Barth voor zijn ethisch beginsel wijst in äïj
de richting van den zuiveren, maar als zoodanig on-
t kenbaren wil van God, heeft Schweitzer zijn uit-
i i gangspunt buiten de sfeer der openbaring gezocht in
· t de zuivere rede. De mensch moet in zich zelf de nor-
» men van goed en kwaad vinden en aangezien het le-
· j. ven hem boven alles heilig is, kan men goed noemen
1
3
ia
i Li
4 ‘ s
i C
l ‘