HomeGoddelijke paedagogiePagina 32

JPEG (Deze pagina), 714.57 KB

TIFF (Deze pagina), 5.81 MB

PDF (Volledig document), 29.18 MB

30 ‘
Dingen nie geschah, nicht geschielit und nicht ge-
schehen wird, in keinem Augenblick, und wenn es
auch mein höchster, reinster und aufrichtigster -
Augenblick ware (Rom. 245). Het heiligste woord
ontrent onze heiliging, zegt hij elders, wordt een ,
banaliteit zoodra wij het op de lippen nemen. Het le
wonder van de nieuwe schepping, dat noodig is,
steeds meer noodig blijkt, geschiedt echter nooit in i
de werkelijkheid. Ook hier blijft alles potentieel. t
VVie Barth zich over deze dingen hoort uitspreken, 3
kan zich niet onttrekken aan den indruk van groo-
ten zedelijken ernst. Hij ziet het oog, dat hem ziet.
Hij gevoelt de noodzakelijkheid van een totalen om- ,
mekeer. `Wij moeten boete doen, wat de verstokte
l zondaar in zijn vervreemding van God niet kent en gl
l ook niet doet... maar, wie van ons weet ’t wel? De ‘
boete is het punt, waar een mensch moet omdraaien,
. maar ook hier blijft het wonder, dat werkelijkheid
moet worden, achterwege, want ook de boete blijft ,
in de sfeer van het relatieve. Het moest zóó zijn, dat t
de mensch zich van zijn oude leven afkeert om een ·
l nieuw begin te maken, een leven in waarachtige hei-
ligheid en toewijding aan Gods wil aan te vangen,
maar in werkelijkheid komt hij slechts tot een
,,Drehung, die auf ein neues Tun himuc/ist." Het
punt, waar op grond van Gods wederbarende gena-
de de mensch, zij het onder tallooze mislukkingen A
en in voortdurenden strijd tegen zijn oude natuur,
iets van de groote bedoelingen Gods in zijn leven be-
; gint te realiseeren, ontbreekt.
t In de ethiek kan slechts sprake zijn van een soort '
niillennium tusschen deze en de toekomende aeon.
i li
l?
W- ‘ m------- ä