HomeDe bronnen van Voskuyl's tooneelspelenPagina 14

JPEG (Deze pagina), 762.17 KB

TIFF (Deze pagina), 6.97 MB

PDF (Volledig document), 16.80 MB

I
]2 tl. A. Worjn I 85
ln The clramatio and poetical works of Robert Greene cmd George
Peele 1) vindt 1nen uitvoerige aanhalingen, terwijl het keurige
opstel van N. Delius over Greeneïs Pcmdosto und Shakespeare’s
Winter’s Tale 2) een goed overzicht geeft van de novelle. Het l
blijkt, dat Voskuyl die novelle op den voet heeft gevolgd. De
inhoud der dramafs is de volgende. l
Egistus, Coninck van Gicilien, vertoeft aan het hof van den j
Goningh van Egypten -- in de novelle is het Boheme -
Pandosto, en wordt door hein en zijne vrouw, Bellaria, op de L
vriendelijkste wijze bejegend. Maar Pandosto wordt achterdochtig l
en gelooft ten slotte, dat er tusschen Bellaria en den Koning. T
van Sicilië eene ongeoorloofde verstandhouding bestaat. Eindelijk
besluit hij Egistus uit den weg te ruimen en beveelt zijn kamer-
ling Franion - in de novelle is ’s Konings ,,cup­bearer" -- ‘
hein te dooden. Franion tracht Pandosto tot andere gedachten
te brengen, maar, als zijne pogingen vergeefsch zijn en de
_ Koning bh zijn besluit blijft volharden, belooft het bevel te
zullen volbrengen, doch waarschuwt Egistus en vlucht met hem
naar Sicilië. De wachter op den toren ziet het schip uitzeilen;
hij maakt alarm, maar het schip is reeds uit het gezicht en
Pandosto, woedend over het ontsnappen van Egistus en het
verraad van Franion, beveelt den Kanselier Barbas - in de
novelle wordt het bevel aan >>the guarde" gegeven -­ de Ko-
ningin terstond gevangen te nemen, daar zij hem met Franion
zou hebben willen vergiftigen. Barbas vindt Bellaria met haren
zoon Garinter in hare vertrekken en vervult zuchtende ­­­ >>very
sorrowfull" -­ de droevige opdracht; de Koningin, die zich
hare onschuld bewust is, gaat gewillig naar de gevangenis. K
l Terwijl zij daar bidt en klaagt over haar lot, nu zij spoedig
een kind ter wereld zal brengen, beluistert de cipier haar en
1) Wit/z memoirs of the ont/lors and notes by Me Rev. Alemnder Dyoe. London
George Routledge and sons, .... 1874, blz. 40-54.
2) Zie Ja/lrlzuch der Deuisoáen Shakespeare-Gesellse/zaft im Azylfmge des Vorstandes
berausgegeben dure/z F. A. Leo. Félnjbe/znier Jrzhrgang. Weimar . . . 1880, blz. 22-44.