HomeChristelijke werkzaamheid ten behoeve van fabrieksmeisjes te LeidenPagina 34

JPEG (Deze pagina), 703.78 KB

TIFF (Deze pagina), 6.19 MB

PDF (Volledig document), 25.42 MB

ii · I
l
lu
ii 30
li laagsten trap van ellende en van zonde gedaald; maar het
zijn menschen, d. i. God heeft ze geschapen om Hem
' tot een beeld te zijn. Komen ze nu, waardoor dan ook,
tot bewustheid van wat ze zijn en wat ze worden
r kunnen, maar zonder den rechten weg te kennen, ja vaak
met opzet op een dwaalspoor gebracht , -­ is het dan te verwon-
l‘ deren dat eerst hun fantasie, te vindingrijker naar mate ze j
' minder gezond voedsel erlangt, daarna hun hand, zich ver-
_ grijpt aan het goed , misschien aan het leven van hun naaste? Is i
j het voor den christen reeds zoo moeielijk vergenoegd te zgn a
‘¥ in hetgeen hij is, hoe zal het dan zijn met hen, die zon- j
de God leven en van geen hemel weten? Fen fransch I
schrijver, in de Revue des deux mondes, die de arbeiders-
Ii kwestie zuiver maatschappelijk bespreekt, zegt o. a.: /«Zelfs =
de oppervlakkigste zielkunde leert ons dat niets zóó ge- A
l vaarlijk is, als wanneer de verzuchtingen van een geheele r
l volksklasse uitsluitend naar de dingen dezer aarde uitgaan.
l Er is in den 1nensch een ontembaar instinkt, dat hem een `
gj ideaal van volmaakte rechtvaardigheid en ongestoord geluk 1
j voorspiegelt. Te midden van de onrust, de wederwaardighe- `
E den en de vernederingen van het dagelijksch leven, is het j
een volstrekte behoefte, zich in de toekomst eene wereld ·
i voor te stellen, waarin billijkheid, recht en rust nooit ge-
stoord zullen worden. Wordt die onweerstaanbare macht van
het mystieke element, dat altijd aanwezig is, afgetrokken
j van de beschouwing der dingen van hier namaals, d.an gaat
j met geweld over op een aardsche, ideale maatschappij.
I/Vaar godsdienstige beelden en herinneringen ontbreken,
P daar wordt, in het hart van onze arbeidende klassen, hunne d
j plaats ingenomen door socialistische droomerijen.” Is dit de ?
j taal van een dier velen, die met meer liefde dan menigeen i
denkt, aan anderen gunnen wat ze zelven wellicht niet be-
zitten, wat is dan niet de roeping van geloovige christenen j
E tegenover een ve1·schijnsel van zóó ontzettende beteekenis;
l Y i
( l
r R
[ E