HomeDe openbare en de vrije schoolPagina 17

JPEG (Deze pagina), 670.35 KB

TIFF (Deze pagina), 5.18 MB

PDF (Volledig document), 21.36 MB

»
M
. 15
treurige gevolgen van hetgeen de vrüzinnigen omtrent
i ’s menschen oorspronkelüke natuur leerden.
Uitgaande van de stelling, dat de mensch van nature
godsdienstig is, beweerden de vrüzinnigen, dat het met den
` mensch zoo kwaad niet geschapen stond. In den grond toch
was hü niet slecht, maar veeleer geneigd om het goede te
doen en God te gehoorzamen. Onkunde en onervarenheid
J alleen verhinderden hem van die goede gezindheid blük
4 te geven. Maar waren deze beletselen weggenomen, dan
zou zijn wezenlüke welwillende aard van zelf wel boven
komen.
ll: Lünrecht daartegenover plaatsten de aanhangers van het
Reveil als hunne heilige overtuiging, dat dit veel te optimis-
­ tisch geoordeeld was. ’s Menschen wil toch, zóó merkten zh
· op, is niet maar te zwak doch veel te bedorven om het
[ goede te willen. In plaats van bereid te zijn Gods wil te
, volbrengen, ligt het veeleer in ’s menschen aard dien te weer-
streven. Van nature is hij niet godsdienstig, maar zondig.
En wat is het karakter van de zonde anders als verzet
Q tegen den ons geopenbaarden en mitsdien ons bekenden wil
Gods? Die zonde is zelfs in zoo sterke mate aanwezig, dat
zh eene kloof graaft tusschen den schuldigen zondaar en
Q den heiligen God: eene kloof die hü niet bü machte is te
; dempen en die dan ook ongedempt zou blüven en gebleven
te zgn, indien door Christus’ kruisdood geene verzoening tus-
schen God en mensch tot stand was gebracht. Aan die ver-
zoening deel te ontvangen, in Christus Gode toe te behooren I
j en, ten bewgze dat men dit voorrecht smaken mag, zün
{ christelük geloof in een leven van heiligheid en liefde te
{ toonen, dat, en dat alleen stempelt den zondaar tot een
I vrome.
Q Het laat zich gemakkelük begrüpen, dat de voorstanders
van dit gevoelen met de wet van 1806 en hare toepassing
jl geen vrede konden hebben.
j Die algemeene godsdienst, waarbü Israëlieten,R. katholieken
j en Protestanten zich gelükelük kunnen neerleggen, dat is
l
è
l . ,
I